Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

5480 palabras · página 216 de 220

  • de ziekmeldingB1

    aviso de baja

    Doe je ziekmelding voor negen uur.

  • de ziekteA1

    enfermedad

    Het is een ziekte die vaak voorkomt.

  • het ziektebeeldB1

    cuadro clínico

    Dit ziektebeeld komt vaker voor bij ouderen.

  • de ziektebestrijdingB2

    lucha contra la enfermedad

    Vaccinatie is een pijler van ziektebestrijding.

  • de ziektekostenB1

    gastos médicos

    De ziektekosten worden grotendeels vergoed.

  • het ziektekostenstelselB2

    sistema de seguro médico

    Het ziektekostenstelsel werd in 2006 hervormd.

  • de ziektekostenvergoedingB1

    reembolso de gastos médicos

    Vraag na of je ziektekostenvergoeding krijgt.

  • de ziektelastB2

    carga de enfermedad

    De ziektelast van roken is enorm.

  • de ziektepreventieB2

    prevención de enfermedades

    Ziektepreventie bespaart op lange termijn geld.

  • het ziekteverloopB2

    evolución de la enfermedad

    Het ziekteverloop verschilt per patiënt.

  • het ziekteverzuimB2

    absentismo por enfermedad

    Het ziekteverzuim is dit jaar gedaald.

  • de zielB2

    alma

    Muziek is goed voor de ziel.

  • zienA1irregular

    zag · zagen · hebben gezien

    ver

    Ik zie je morgen.

  • de zijdeA2

    seda

    De sjaal is van zijde.


    lado

    Aan de andere zijde van de straat staat een apotheek.

  • zijnA1irregular

    was · waren · zijn geweest

    ser, estar

    Ik ben blij dat je er bent.


    su (de él)

    Peter pakt zijn jas en loopt naar buiten.

  • de zinA2

    frase, oración

    Schrijf een zin met het woord 'huis'.


    ganas (tener ganas)

    Ik heb geen zin om vandaag te koken.

  • zingenA2irregular

    zong · zongen · hebben gezongen

    cantar

    Op verjaardagen zingen we een lied.

  • zinloosB2

    inútil, sin sentido

    Verder discussiëren was zinloos.

  • de zinsbouwB2

    estructura de la frase

    Zijn zinsbouw verraadt zijn moedertaal.

  • zinvolB2

    con sentido, útil

    Vrijwilligerswerk voelt zinvol.

  • zittenA1irregular

    zat · zaten · hebben gezeten

    estar sentado

    Zij zit op de bank.


    estar (dentro de algo)

    De sleutels zitten in de zak van mijn jas.

  • zittenblijvenB2separableirregular

    bleef zitten · bleven zitten · zijn blijven zitten

    repetir curso

    Zittenblijven helpt niet altijd.

  • zoA1

    así

    Doe het zo.

  • zo'nA2

    un … así; unos (aprox.)

    Ik wil ook zo'n fiets met een mand voorop.

  • zoalsA2

    como

    Zoals je weet, zijn wij morgen gesloten.