Construcciones complejas
Una referencia de construcciones que permiten relacionar ideas con precisión y formar oraciones con más contenido.
Oraciones de relativo
Añaden información sobre una persona, objeto o situación. La elección de die, dat, wie, waar o wat depende del sustantivo y de la función de la preposición.
| Construcción | Esquema | Ejemplo |
|---|---|---|
| ConstrucciónDie con palabras de y plurales | Esquemade-woord of meervoud + die + ... + werkwoord(en) | EjemploDe medewerker die u gisteren sprak, behandelt vandaag uw aanvraag. |
| ConstrucciónDat con palabras het | Esquemahet-woord + dat + ... + werkwoord(en) | EjemploHet formulier dat u moet invullen, staat op onze website. |
| ConstrucciónPreposición + wie para una persona | Esquemavoorzetsel + wie bij personen | EjemploDe collega met wie ik samenwerk, begint volgende maand aan een nieuwe baan. |
| ConstrucciónWaar + preposición para una cosa | Esquemawaar + voorzetsel bij zaken: waarop, waarmee, waarover | EjemploHet voorstel waarover we morgen stemmen, is gisteren aangepast. |
| ConstrucciónWat tras una referencia indefinida | Esquemaalles, iets, niets, dat of overtreffende trap + wat | EjemploDit is het belangrijkste wat we tijdens de vergadering hebben besloten. |
Estilo indirecto y preguntas
Después de dat, of o una palabra interrogativa se usa el orden de la oración subordinada. Of introduce una pregunta de sí o no sin palabra interrogativa.
| Construcción | Esquema | Ejemplo |
|---|---|---|
| ConstrucciónTransmitir una afirmación | Esquemazeggen/uitleggen/denken + dat + onderwerp + ... + werkwoord(en) | EjemploDe beheerder legt uit dat de lift volgende week wordt gerepareerd. |
| ConstrucciónPregunta indirecta de sí o no | Esquemavragen/weten + of + onderwerp + ... + werkwoord(en) | EjemploKunt u mij vertellen of mijn inschrijving goed is ontvangen? |
| ConstrucciónPregunta indirecta con interrogativo | Esquemavragen/weten + vraagwoord + onderwerp + ... + werkwoord(en) | EjemploNiemand weet wanneer de werkzaamheden precies beginnen. |
| ConstrucciónFuturo visto desde el pasado | Esquemaverleden hoofdzin + dat/of + ... + zou(den) + infinitief | EjemploDe leverancier meldde dat de bestelling twee dagen later zou aankomen. |
Condiciones e hipótesis
La forma muestra si una condición es realista, imaginaria o ya imposible. Zou también suaviza una petición.
| Construcción | Esquema | Ejemplo |
|---|---|---|
| ConstrucciónCondición real | Esquemaals + tegenwoordige tijd, dan hoofdzin in tegenwoordige of toekomstige tijd | EjemploAls u vandaag reageert, kunnen we de afspraak nog verplaatsen. |
| ConstrucciónPetición o deseo cortés | Esquemazou(den) + graag/kunnen/willen + infinitief | EjemploZou u mij de gewijzigde planning kunnen sturen? |
| ConstrucciónSituación imaginaria | Esquemaals + verleden tijd, zou(den) + infinitief | EjemploAls ik dichterbij woonde, zou ik vaker op de fiets komen. |
| ConstrucciónCondición pasada no cumplida | Esquemaals + had(den)/was/waren + voltooid deelwoord, zou(den) hebben/zijn + voltooid deelwoord | EjemploAls we eerder waren vertrokken, zouden we de trein hebben gehaald. |
La voz pasiva
La pasiva desplaza la atención del agente a la acción o al resultado. Un proceso usa worden; un resultado terminado usa zijn.
| Construcción | Esquema | Ejemplo |
|---|---|---|
| ConstrucciónProceso en el presente | Esquemaworden + voltooid deelwoord | EjemploAlle aanvragen worden binnen vijf werkdagen beoordeeld. |
| ConstrucciónProceso en el pasado | Esquemawerd/werden + voltooid deelwoord | EjemploDe bewoners werden vorige maand over de werkzaamheden geïnformeerd. |
| ConstrucciónResultado terminado | Esquemazijn + voltooid deelwoord | EjemploDe nieuwe veiligheidsregels zijn inmiddels ingevoerd. |
| ConstrucciónPasiva con verbo modal | Esquemamodaal werkwoord + ... + voltooid deelwoord + worden | EjemploHet beschadigde onderdeel moet zo snel mogelijk worden vervangen. |
| ConstrucciónPasiva impersonal con er | Esquemaer + worden + voltooid deelwoord | EjemploEr wordt tijdens de bijeenkomst voor kinderopvang gezorgd. |
Construcciones ampliadas de infinitivo
Las construcciones con te expresan de forma concisa finalidad, medio, ausencia de acción o alternativa. Su sujeto implícito suele coincidir con el de la oración principal.
| Construcción | Esquema | Ejemplo |
|---|---|---|
| ConstrucciónFinalidad con om ... te | Esquemaom + ... + te + infinitief | EjemploDe gemeente plaatst extra lampen om het plein veiliger te maken. |
| ConstrucciónSin realizar una acción | Esquemazonder + ... + te + infinitief | EjemploDe aannemer veranderde de planning zonder de bewoners te informeren. |
| ConstrucciónMedio o método | Esquemadoor + ... + te + infinitief | EjemploDoor de formulieren digitaal te verwerken besparen we veel tijd. |
| ConstrucciónAlternativa | Esquemain plaats van + ... + te + infinitief | EjemploWe kunnen de apparaten repareren in plaats van ze direct te vervangen. |
| ConstrucciónAusencia de necesidad | Esquemahoeven + niet/geen + te + infinitief | EjemploU hoeft voor deze wijziging geen nieuw formulier in te vullen. |
Construcciones concesivas y correlativas
Estos patrones contrastan partes de una idea, refuerzan un argumento o muestran un cambio dependiente. Mantenga la misma forma gramatical en ambas partes.
| Construcción | Esquema | Ejemplo |
|---|---|---|
| ConstrucciónConcesión con hoewel | Esquemahoewel + bijzin, hoofdzin met inversie | EjemploHoewel de cursus intensief is, ervaren deelnemers voldoende ondersteuning. |
| ConstrucciónConcesión con ook al | Esquemaook al + bijzin, daarna vaak toch in de hoofdzin | EjemploOok al stijgen de kosten, het bestuur wil het project toch voortzetten. |
| ConstrucciónCambio dependiente con hoe ... hoe | Esquemahoe + vergrotende trap ..., hoe + vergrotende trap ... | EjemploHoe duidelijker de afspraken zijn, hoe minder misverstanden er ontstaan. |
| ConstrucciónAmbos elementos con zowel ... als | Esquemazowel + zinsdeel + als + zinsdeel | EjemploHet voorstel houdt rekening met zowel bewoners als ondernemers. |
| ConstrucciónÉnfasis con niet alleen ... maar ook | Esquemaniet alleen + zinsdeel, maar ook + zinsdeel | EjemploDe maatregel verlaagt niet alleen de kosten, maar verbetert ook de service. |

