Vocabulario
7809 palabras · página 123 de 313
kamer van koophandelB2
cámara de comercio
Schrijf je bedrijf in bij de kamer van koophandel.
de kameraadB2
compañero, camarada
Hij ging met zijn kameraden een weekend kamperen.
het KamerlidB2
diputado
Een Kamerlid stelde schriftelijke vragen.
het kampB1
campamento
In de zomer gaan de kinderen een week op kamp.
kampenB2
kampte · hebben gekampt
lidiar con, sufrir
Veel bedrijven kampen met een tekort aan personeel.
kamperenB1
kampeerde · hebben gekampeerd
acampar
We gaan deze zomer kamperen in Frankrijk.
de kampioenB1
campeón
Onze club werd dit jaar kampioen van de regio.
het kampioenschapB1
campeonato
Ons team won het kampioenschap van de regio.
het kanaalA2
canal (de agua)
Het kanaal verbindt twee rivieren.
de kandidaatB2
candidato (en general)
Er zijn drie kandidaten voor deze baan.
de kaneelA1
canela
Doe wat kaneel op de appels.
de kankerB1
cáncer
Roken vergroot de kans op kanker.
de kansA1
oportunidad
Dit is een mooie kans voor jou.
de kansengelijkheidB2
igualdad de oportunidades
Kansengelijkheid in het onderwijs staat onder druk.
de kansenongelijkheidB2
desigualdad de oportunidades
Kansenongelijkheid begint al op de basisschool.
de kantA2
lado
Aan welke kant van de straat woont u?
de kantineB1
cantina, comedor
Tussen de middag eten we in de kantine.
het kantoorA2
oficina
Ons kantoor is vlak bij het station.
het kantoorartikelB2
artículo de oficina
De kantoorartikelen worden centraal besteld.
de kantoortuinB2
oficina diáfana
In een kantoortuin is het lastig concentreren.
de kantoorurenA2
horario de oficina
Bel tijdens kantooruren.
de kanttekeningB2
matiz, salvedad
Bij die conclusie past een kanttekening.
de kapB1
pantalla; capucha; techo
De lamp heeft een nieuwe kap van stof.
de kapelB1
capilla; banda
Naast de kerk staat een kleine kapel.
het kapitaalB1
capital
Voor een eigen bedrijf heb je kapitaal nodig.

