Vocabulario
5480 palabras · página 32 de 220
het buitengewoonB2
extraordinariamente
Zij deed het buitengewoon goed.
de buitenlampA1
luz exterior
De buitenlamp gaat automatisch aan.
het buitenlandA2
extranjero (el)
Wij gaan deze zomer op vakantie naar het buitenland.
het buitenlandbeleidB2
política exterior
Het buitenlandbeleid is de laatste jaren gewijzigd.
buitenlandsB1
extranjero
Op onze school leren veel buitenlandse studenten Nederlands.
de buitenrecreatieB2
ocio al aire libre
Buitenrecreatie werd na de pandemie populairder.
de buitenruimteA2
espacio exterior
De woning heeft geen buitenruimte.
de buitensportB1
deporte al aire libre
Buitensport is gezond, ook in de winter.
het bureauA2
escritorio; oficina, agencia
Ik heb een bureau bij het raam in mijn kamer.
de bureaustoelB2
silla de oficina
Stel je bureaustoel goed af.
de burenA2
vecinos
Onze buren zijn erg vriendelijk.
de burenruzieB2
disputa vecinal
De burenruzie ging over een schutting.
de burgemeesterA2
alcalde
De burgemeester opende de nieuwe brug.
de burgerA2
ciudadano
Elke burger heeft dezelfde rechten.
het burgerinitiatiefB1
iniciativa ciudadana
Het burgerinitiatief kreeg veel handtekeningen.
het burgerlijkB2
civil
Dit valt onder het burgerlijk recht.
de burgerparticipatieB2
participación ciudadana
De gemeente zet in op burgerparticipatie.
de burgerplichtB1
deber ciudadano
Belasting betalen is een burgerplicht.
het burgerrechtB1
derecho ciudadano
Stemmen is een burgerrecht.
het burgerschapB2
ciudadanía
Burgerschap wordt op school onderwezen.
de burgerschapsvormingB2
educación para la ciudadanía
Burgerschapsvorming is een schoolvak geworden.
het burgerservicenummerA2
número de servicio ciudadano
U hebt uw burgerservicenummer nodig.
de burgerzakenB1
registro civil
Voor een paspoort ga je naar Burgerzaken.
de burn-outB2
burnout
Zij zit al maanden thuis met een burn-out.
de busA2
autobús
De bus stopt voor het station.

