Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

7809 palabras · página 116 de 313

  • innerlijkB2

    interior

    Na de vakantie voelde zij een innerlijke rust.

  • de innovatieB2

    innovación

    Innovatie is nodig om te blijven concurreren.

  • innovatiefB2

    innovador

    Het bedrijf zoekt innovatieve oplossingen voor de zorg.

  • het innovatiefondsB2

    fondo de innovación

    Het innovatiefonds steunt kleine bedrijven.

  • innoverenB2

    innoveerde · hebben geïnnoveerd

    innovar

    Bedrijven die niet innoveren, verdwijnen.

  • inpakkenA2separable

    pakte in · hebben ingepakt

    empacar; envolver

    Morgen gaan we op vakantie, dus ik moet nog inpakken.

  • de inpolderingB2

    desecación de tierras

    Door inpoldering ontstond nieuw land.

  • inrichtenA2separable

    richtte in · hebben ingericht

    amueblar

    We moeten de woonkamer nog inrichten.

  • de inrichtingB1

    decoración, mobiliario; institución

    Wij zijn bezig met de inrichting van ons nieuwe huis.

  • de inruilB2

    entrega a cuenta

    Bij inruil van je oude toestel krijg je korting.

  • inschakelenB2separable

    schakelde in · hebben ingeschakeld

    encender; recurrir a

    Wij schakelen een deskundige in voor het onderzoek.

  • inschattenB1separable

    schatte in · hebben ingeschat

    estimar, evaluar

    Het is moeilijk om de kosten goed in te schatten.

  • het inschrijfbewijsB1

    justificante de empadronamiento

    Bewaar je inschrijfbewijs van de gemeente.

  • het inschrijfgeldA2

    cuota de inscripción

    Het inschrijfgeld betaal je één keer.

  • zich inschrijvenB1separablereflexivoirregular

    schreef in · schreven in · hebben ingeschreven

    inscribirse

    Je kunt je online inschrijven voor de cursus.

  • de inschrijvingB1

    inscripción, empadronamiento

    Uw inschrijving bij de gemeente is verwerkt.

  • het insectB1

    insecto

    In de zomer zijn er veel insecten.

  • inslaanB2separableirregular

    sloeg in · sloegen in · hebben/zijn ingeslagen

    caer (rayo); abastecerse; tomar

    De bliksem is in de kerktoren ingeslagen.

  • de insluitingB2

    acción de incluir

    Beleid moet gericht zijn op insluiting, niet op uitsluiting.

  • de inspanningB1

    esfuerzo

    Met veel inspanning heeft hij zijn diploma gehaald.

  • de inspecteurB1

    inspector

    De inspecteur kwam onaangekondigd langs.

  • de inspiratieB2

    inspiración

    Ik haal veel inspiratie uit de natuur.

  • inspirerenB1

    inspireerde · hebben geïnspireerd

    inspirar

    Haar verhaal heeft veel jonge vrouwen geïnspireerd.

  • de inspraakB1

    participación, voz

    Bewoners kregen inspraak in het ontwerp.

  • de inspraakavondB1

    sesión vecinal de consulta

    Er komt een inspraakavond over het bouwplan.