Vocabulario
158 palabras · página 2 de 7
eenvoudigB1
sencillo
De uitleg was eenvoudig en duidelijk.
eenzaamA2
solo (solitario)
In het begin voelde hij zich eenzaam.
de eenzaamheidB2
soledad
Eenzaamheid komt onder ouderen veel voor.
de eerB2
honor
Het is een eer om hier vandaag te spreken.
eerderA2
antes; más bien
Kun je morgen iets eerder komen?
eergisterenA1
anteayer
Eergisteren was ik bij de dokter.
eerlijkA2
sincero; justo
Wees eerlijk, vind je mijn nieuwe kapsel mooi?
eerstA1
primero, en primer lugar
Ik ga eerst douchen.
eersteA1
primero
Dit is mijn eerste dag hier.
de eerstelijnszorgB1
atención primaria
De huisarts hoort bij de eerstelijnszorg.
de eetgewoonteA2
hábito alimentario
Mijn eetgewoontes zijn hier veranderd.
de eetlustA2
apetito
Door de koorts heb ik geen eetlust.
het eetpatroonB2
patrón alimentario
Een gevarieerd eetpatroon is belangrijker dan een dieet.
de eeuwB1
siglo
Dit kasteel is gebouwd in de zestiende eeuw.
het effectB1
efecto
Het medicijn had snel effect op mijn hoofdpijn.
de effectenbeursB2
bolsa de valores
De effectenbeurs sloot lager.
efficiëntB2
eficiente
We werken nu een stuk efficiënter.
egoïstischB2
egoísta
Dat was een egoïstische beslissing.
de EHBOA2
primeros auxilios
Zij volgde een cursus EHBO.
het eiA1
huevo
Ik eet 's ochtends een ei.
eigenA2
propio
Na mijn studie wil ik een eigen huis.
eigen risicoB2
franquicia del seguro
Het eigen risico betaal je zelf.
de eigenaarB1
propietario, dueño
De eigenaar van het huis wil de huur verhogen.
het eigendomB2
propiedad
Dit huis is ons eigendom, we huren het niet.
de eigendomsakteB2
escritura de propiedad
De eigendomsakte wordt bij de notaris getekend.

