Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

7809 слов · страница 78 из 313

  • extraA2

    дополнительный

    Voor een extra koffer betaal je dertig euro.

  • extreemB2

    крайний, экстремальный

    Door de extreme hitte bleven veel mensen binnen.

  • de faalangstB2

    страх неудачи

    Door faalangst presteert hij onder zijn niveau.

  • de fabriekA2

    фабрика, завод

    Mijn vader werkt al twintig jaar in een fabriek.

  • de fabrikantB2

    производитель (завод)

    Neem contact op met de fabrikant als het apparaat kapot is.

  • de factorB2

    фактор

    Stress is een belangrijke factor bij slecht slapen.

  • de factuurA2

    счёт-фактура

    De factuur moet binnen 14 dagen betaald worden.

  • het factuurnummerB2

    номер счёта-фактуры

    Vermeld altijd het factuurnummer bij de betaling.

  • de faculteitB2

    факультет

    Hij studeert aan de faculteit rechten.

  • faillietB1

    обанкротившийся

    Het bedrijf ging failliet en alle mensen verloren hun baan.

  • het faillissementB2

    банкротство

    Na het faillissement verloren dertig mensen hun baan.

  • falenB1

    faalde · hebben gefaald

    терпеть неудачу

    Het plan faalde door een gebrek aan geld.

  • de familieA1

    семья

    Mijn familie komt zondag eten.

  • het familiebezoekA1

    визит родственников

    Zondag hebben we familiebezoek.

  • het familielidA1

    член семьи

    Er komt een familielid op bezoek.

  • de fanA2

    фанат, поклонник

    Mijn zoon is een grote fan van deze voetballer.

  • fanatiekB1

    фанатичный, увлечённый

    Mijn buurman is een fanatieke hardloper.

  • de fantasieB2

    фантазия, воображение

    Kinderen hebben vaak een grote fantasie.

  • fantastischA2

    фантастический, замечательный

    We hebben een fantastische vakantie gehad.

  • fascinerenB1

    fascineerde · hebben gefascineerd

    очаровывать, увлекать

    Sterren en planeten fascineren mijn zoon.

  • de faseB1

    фаза, этап

    Het project zit nu in de laatste fase.

  • fataalB1

    фатальный, роковой

    Een kleine fout kan in het verkeer fataal zijn.

  • fatsoenlijkB1

    приличный

    Hij wil een fatsoenlijk salaris voor zijn werk.

  • favorietA2

    любимый

    Wat is jouw favoriete gerecht uit je eigen land?

  • februariA1

    февраль

    In februari is het meestal koud.