Словарь
5480 слов · страница 16 из 220
het beeldmateriaalB2
видеоматериал
Het beeldmateriaal was schokkend.
het beeldschermB2
экран
We kijken te lang naar een beeldscherm.
de beeldspraakB2
образная речь
Hij gebruikt veel beeldspraak in zijn toespraken.
de beeldvormingB2
формирование образа
De media beïnvloeden de beeldvorming over migranten.
het beenA1
нога
Hij heeft zijn been gebroken.
het beetjeA1
немного
Ik spreek al een beetje Nederlands en Engels.
de begeleidingB1
сопровождение, поддержка
Hij krijgt begeleiding van een psycholoog.
het beginA1
начало
Aan het begin van de les zeggen we iets over het weekend.
beginnenA1неправильный
begon · begonnen · zijn begonnen
начинать(ся)
De les begint om negen uur.
de begrafenisB2
похороны
De begrafenis is aanstaande vrijdag.
begravenB2неправильный
begroef · begroeven · hebben begraven
хоронить
Mijn opa is begraven op de begraafplaats in het dorp.
begrijpenA1неправильный
begreep · begrepen · hebben begrepen
понимать
Ik begrijp de vraag niet helemaal.
het begripB1
понимание; понятие
Bedankt voor uw begrip, we helpen u zo snel mogelijk.
de begroeiingB1
растительность
Langs de sloot staat dichte begroeiing.
de begrotingB1
бюджет, смета
We hebben een begroting gemaakt voor de verbouwing.
het begrotingsbeleidB2
бюджетная политика
Het begrotingsbeleid is dit jaar strenger.
de begrotingsdisciplineB2
бюджетная дисциплина
De minister houdt vast aan begrotingsdiscipline.
het begrotingsevenwichtB2
сбалансированный бюджет
De regering streeft naar begrotingsevenwicht.
het begrotingsoverschotB2
профицит бюджета
Voor het eerst is er een begrotingsoverschot.
het begrotingstekortB2
бюджетный дефицит
Het begrotingstekort loopt op.
behalenB2
behaalde · hebben behaald
получать (диплом), достигать
Zij heeft haar diploma met mooie cijfers behaald.
behalveB1
кроме
Iedereen komt naar het feest, behalve mijn broer.
het behandelaanbodB2
перечень видов лечения
Het behandelaanbod verschilt per ziekenhuis.
de behandelduurB2
длительность лечения
De behandelduur verschilt per patiënt.
behandelenB1
behandelde · hebben behandeld
лечить; обращаться (с кем-то)
De huisarts behandelt mijn klachten met rust en medicijnen.

