Je EigenRoute
Sign inRegister

Vocabulary

7809 words · page 92 of 313

  • de getuigeB1

    witness

    De getuige legde een verklaring af.

  • getuigenB1

    getuigde · hebben getuigd

    to testify

    Twee buren getuigden in de rechtszaak tegen hem.

  • de geurB2

    smell, scent

    De geur van vers brood komt uit de bakkerij.

  • het gevaarB1

    danger

    Bij dit weer is er gevaar voor gladheid.

  • gevaarlijkA2

    dangerous

    Het is gevaarlijk om op het ijs te lopen.

  • het gevalB1

    case

    In dat geval bel ik je morgen terug.

  • de gevangenisA2

    prison

    Hij zat twee jaar in de gevangenis.

  • de gevangenisstrafB2

    prison sentence, imprisonment

    De rechter gaf de dief drie maanden gevangenisstraf.

  • het gevechtB1

    fight, battle

    Na de wedstrijd ontstond er een gevecht tussen supporters.

  • de gevelB2

    facade

    De gevel van het oude huis wordt geschilderd.

  • gevenA1irregular

    gaf · gaven · hebben gegeven

    to give

    Geef mij het zout, alsjeblieft.

  • het gevoelA1

    feeling

    Ik had het gevoel dat er iets mis was.

  • gevoeligB1

    sensitive

    Zij is erg gevoelig voor kritiek.

  • de gevoeligheidB2

    sensitivity

    Zijn gevoeligheid voor kritiek is groot.

  • het gevoelslevenB2

    emotional life

    Over zijn gevoelsleven praat hij zelden.

  • de gevoelstemperatuurB2

    wind-chill temperature

    De gevoelstemperatuur ligt vijf graden lager.

  • het gevolgA2

    consequence

    Dat heeft grote gevolgen voor ons.

  • het gewasB2

    crop

    Elk gewas heeft eigen eisen.

  • de gewasbeschermingB2

    crop protection

    De regels voor gewasbescherming zijn strenger geworden.

  • het geweerB2

    rifle, gun

    De jager liep met een geweer door het bos.

  • het geweldB1

    violence

    Geweld tegen hulpverleners wordt streng bestraft.

  • gewelddadigB2

    violent

    Hij werd gearresteerd na een gewelddadige ruzie.

  • geweldigA2

    great, wonderful

    Het concert gisteren was echt geweldig!

  • het gewichtB1

    weight

    Hij is de laatste tijd op gewicht gebleven.

  • gewondA2

    injured

    Bij het ongeluk raakte niemand gewond.