Je EigenRoute
دخولإنشاء حساب

المفردات

7085 كلمة · صفحة 159 من 284

  • onmogelijkA2

    مستحيل

    Het is onmogelijk om alles in één dag te doen.

  • onnodigB1

    غير ضروري

    Laat de verwarming niet onnodig aan.

  • onnozelB1

    ساذج، أبله

    Ik voelde me onnozel na die domme vraag.

  • onopvallendB2

    غير ملفت

    Hij ging onopvallend naar buiten.

  • het onrechtB2

    ظلم

    Zij strijdt tegen onrecht in de wereld.

  • de onrustB2

    قلق واضطراب

    Het bericht zorgde voor onrust onder bewoners.

  • onrustigA2

    قلق مضطرب

    Ik sliep onrustig voor het examen.

  • onschuldigB1

    بريء

    Je bent onschuldig tot het tegendeel bewezen is.

  • het ontbijtA2

    فطور

    Ik sla het ontbijt nooit over.

  • ontbijtenA2شاذّ

    ontbeet · ontbeten · hebben ontbeten

    يتناول الفطور

    Wij ontbijten om zeven uur.

  • ontbrekenB1شاذّ

    ontbrak · ontbraken · hebben ontbroken

    ينقص، يغيب

    Op het formulier ontbreekt nog uw handtekening.

  • ontdaanB2

    مصدوم

    Na het ongeluk was hij helemaal ontdaan.

  • ontdekkenA2

    ontdekte · hebben ontdekt

    يكتشف

    Ik ontdekte een fout in het formulier.

  • de ontdekkingB1

    اكتشاف

    De ontdekking van het medicijn redde veel levens.

  • ontdooienB2

    ontdooide · hebben/zijn ontdooid

    يذيب المجمد

    Laat vlees in de koelkast ontdooien.

  • ontevredenB2

    غير راضٍ

    Veel bewoners zijn ontevreden over het besluit.

  • de ontevredenheidB2

    عدم الرضا

    De ontevredenheid onder het personeel groeit.

  • de ontgoochelingB2

    خيبة الأمل

    De uitslag was een grote ontgoocheling.

  • de onthechtingB2

    الانفصال العاطفي

    Hij sprak met een zekere onthechting over het verleden.

  • onthoudenA2شاذّ

    onthield · onthielden · hebben onthouden

    يتذكر، يحفظ

    Ik kan die naam nooit onthouden.

  • onthullenB1

    onthulde · hebben onthuld

    يكشف

    De krant onthulde nieuwe feiten over de fraude.

  • ontkennenB2

    ontkende · hebben ontkend

    ينكر

    Hij bleef alles ontkennen.

  • ontlenenB1

    ontleende · hebben ontleend

    يقتبس، يستمدّ

    Veel Nederlandse woorden zijn aan het Frans ontleend.

  • ontmoedigendB2

    مثبِّط للعزيمة

    Zo veel fouten is ontmoedigend.

  • ontmoetenA2

    ontmoette · hebben ontmoet

    يلتقي

    Ik heb haar op een cursus ontmoet.