المفردات
146 كلمة · صفحة 1 من 6
ideeA2
فكرة
Dat is een goed idee.
identiteitB2
الهوية
Taal is een deel van je identiteit.
identiteitsbewijsB1
وثيقة هوية
Neem een geldig identiteitsbewijs mee.
identiteitscontroleB1
التحقق من الهوية
Bij binnenkomst is er een identiteitscontrole.
identiteitsfraudeB2
انتحال الهوية
Bij identiteitsfraude gebruikt iemand jouw gegevens.
iedereA1
كل
Iedere maandag heb ik les.
iedereenA1
الجميع
Iedereen is welkom.
iemandA1
شخص ما
Er staat iemand voor de deur.
ietsA1
شيء ما
Wil je iets drinken?
ijsA1
ثلج، آيس كريم
De kinderen willen een ijsje.
ik ben van meningB2
أنا أرى أن
Ik ben van mening dat de regel te streng is.
ik betwijfel ofB2
أشك في أن
Ik betwijfel of dat op tijd lukt.
illustratieB2
رسم توضيحي
Bij het artikel staat een illustratie.
illustratorB2
رسام توضيحي
De illustrator tekende alle prenten met de hand.
imamB2
إمام
De imam gaf uitleg over de vastenmaand.
immersB2
فَإِنَّ
Hij weet het; hij was er immers zelf bij.
immuniteitB2
المناعة
Na een infectie bouw je immuniteit op.
immuunsysteemB2
الجهاز المناعي
Slaap versterkt je immuunsysteem.
implantaatB2
زرعة سنية
Een implantaat wordt niet altijd vergoed.
implementatieplanB2
خطة التنفيذ
Zonder implementatieplan blijft het bij goede bedoelingen.
implementerenB2
ينفّذ
Het nieuwe systeem wordt in maart geïmplementeerd.
implicatieB2
تضمين، تبعة
De implicaties van dit besluit zijn groot.
implicietB2
ضمني
De kritiek was impliciet, maar duidelijk.
imponerenB2
يُبهر
Haar kennis van de stof imponeerde de commissie.
importheffingB2
رسوم الاستيراد
De importheffing maakt het product duurder.

