Vocabulario
Filtros
Secciones
Categorías gramaticales
5046 palabras · página 50 de 202
examentrainingB1
preparación del examen
De examentraining duurt vier weken.
examenuitslagB1
resultado del examen
De examenuitslag komt over vier weken.
examenvoorbereidingB1
preparación del examen
De examenvoorbereiding duurt twee maanden.
examenvraagB1
pregunta de examen
Elke examenvraag heeft vier antwoorden.
excursieB1
excursión
De school organiseert een excursie naar het museum.
excusesB2
disculpas
Het bedrijf bood schriftelijk excuses aan.
exportwaardeB2
valor de exportación
De exportwaarde van de landbouw is enorm.
expositieruimteB2
sala de exposición
De expositieruimte is opnieuw ingericht.
faalangstB2
miedo al fracaso
Door faalangst presteert hij onder zijn niveau.
factcheckB2
verificación de datos
Na een factcheck bleek de bewering onjuist.
factuurA2
factura
De factuur moet binnen 14 dagen betaald worden.
factuurnummerB2
número de factura
Vermeld altijd het factuurnummer bij de betaling.
faculteitB2
facultad
Hij studeert aan de faculteit rechten.
faillissementB2
quiebra
Na het faillissement verloren dertig mensen hun baan.
familieA1
familia
Mijn familie komt zondag eten.
familiebezoekA1
visita familiar
Zondag hebben we familiebezoek.
familielidA1
familiar
Er komt een familielid op bezoek.
februariA1
febrero
In februari is het meestal koud.
feestA1
fiesta
Zaterdag is er een feest.
feestdagB1
día festivo
Op feestdagen zijn de winkels dicht.
feitB2
hecho
Scheid feiten van meningen.
feitencheckB2
verificación de datos
Na de feitencheck bleek de claim onjuist.
felicitatieB2
felicitación
Mijn felicitaties met je diploma.
feliciterenB1
felicitar
Ik wil je feliciteren met je nieuwe baan.
festivalB1
festival
Elke zomer is er een festival in het park.

