Je EigenRoute
Sign inRegister

Vocabulary

6551 words · page 23 of 263

  • het beleggingsfondsB2

    investment fund

    Zij spaart via een beleggingsfonds.

  • het beleidA2

    policy

    Het beleid van de gemeente is veranderd.

  • de beleidsmakerB2

    policymaker

    Beleidsmakers staan voor een lastige keuze.

  • de beleidsmedewerkerB2

    policy officer

    De beleidsmedewerker schreef de nota.

  • de beleidsnotaB2

    policy paper

    De beleidsnota is aan de raad voorgelegd.

  • de beleidsuitvoeringB2

    policy implementation

    De beleidsuitvoering ligt bij de gemeenten.

  • de beleidsvormingB2

    policy-making

    Bij de beleidsvorming worden experts geraadpleegd.

  • belevenA2

    beleefde · hebben beleefd

    to live through, to experience

    Iedereen beleeft zo'n dag anders.

  • de belichtingB2

    lighting, exposure

    De belichting maakt of breekt een foto.

  • bellenA1

    belde · hebben gebeld

    to call (on the phone)

    Ik bel je vanavond na het eten.

  • de belofteB1

    promise

    Hij heeft zijn belofte gehouden en is gekomen.

  • belonenB1

    beloonde · hebben beloond

    to reward

    Goed werk wordt in dit bedrijf beloond.

  • de beloningB2

    reward

    De vinder van de tas krijgt een beloning.

  • belovenB1

    beloofde · hebben beloofd

    to promise

    Hij beloofde het morgen af te maken.

  • de bemanningB2

    crew

    De bemanning van het vliegtuig verwelkomt de passagiers.

  • bemiddelenB2

    bemiddelde · hebben bemiddeld

    to mediate

    Een collega bemiddelde in het conflict.

  • de bemiddelingB2

    mediation

    Na bemiddeling kwamen ze er samen uit.

  • het bemiddelingsbureauB2

    placement agency

    Het bemiddelingsbureau zoekt kandidaten voor de zorg.

  • bemoedigendB2

    encouraging

    De eerste resultaten zijn bemoedigend.

  • zich bemoeienB2reflexive

    bemoeide · hebben bemoeid

    to interfere, to meddle

    Bemoei je er niet mee, het is haar zaak.

  • benaderenB1

    benaderde · hebben benaderd

    to approach, to contact

    U kunt ons per e-mail benaderen.

  • de benaderingB2

    approach; approximation

    We hebben een nieuwe benadering van het probleem nodig.

  • benadrukkenB2

    benadrukte · hebben benadrukt

    to emphasise

    Zij benadrukte het belang van goede afspraken.

  • benedenA2

    downstairs, below

    De keuken is beneden en de slaapkamers zijn boven.

  • benieuwdB1

    curious (to know)

    Ik ben benieuwd naar de uitslag van het examen.