Je EigenRoute
Sign inRegister

Vocabulary

6551 words · page 176 of 263

  • relatiefB1

    relatively

    De huur is hier relatief laag voor de grote stad.

  • relativerenB2

    relativeerde · hebben gerelativeerd

    to put into perspective

    Je moet die cijfers wel relativeren.

  • relevantB1

    relevant

    Vermeld alleen relevante werkervaring in je cv.

  • de religieB2

    religion

    Religie speelt in dit debat een rol.

  • religieusB1

    religious

    In Nederland zijn veel religieuze feestdagen ook vrije dagen.

  • de remediëringB2

    remedial teaching

    Na de toets volgt remediëring van de fouten.

  • remmenB1

    remde · hebben geremd

    to brake

    Bij regen moet je eerder remmen.


    de remmen

    brakes (plural of rem)

    De remmen van mijn fiets doen het niet meer.

  • het rendementB2

    return, yield

    Het rendement viel tegen.

  • rennenA1

    rende · hebben/zijn gerend

    to run

    De kinderen rennen door de tuin.

  • de renovatieB2

    renovation

    Na de renovatie zijn de huizen beter geïsoleerd.

  • renoverenB2

    renoveerde · hebben gerenoveerd

    to renovate

    De woningcorporatie renoveert alle huizen in onze straat.

  • de renteA2

    interest (rate)

    De rente op de spaarrekening is laag.

  • het rentetariefB1

    interest rate

    Het rentetarief van deze lening is hoog.

  • de reorganisatieB2

    restructuring

    Door de reorganisatie verdwijnen er banen.

  • reorganiserenB2

    reorganiseerde · hebben gereorganiseerd

    to reorganise

    De afdeling wordt volgend jaar gereorganiseerd.

  • de reparatieA2

    repair

    De reparatie wordt door de verhuurder betaald.

  • reparerenA2

    repareerde · hebben gerepareerd

    to repair

    Kun jij mijn fiets morgen voor me repareren?

  • de reportageB2

    report, feature

    De reportage duurde twintig minuten.

  • het reptielB2

    reptile

    Een hagedis is een reptiel.

  • de republiekA2

    republic

    Sommigen pleiten voor een republiek.

  • de reputatieB1

    reputation

    Het restaurant heeft een goede reputatie in de buurt.

  • de reserveB2

    reserve, spare

    We houden altijd wat geld in reserve.

  • reserverenB1

    reserveerde · hebben gereserveerd

    to reserve, to book

    Je moet vooraf een plaats reserveren.

  • het respectA2

    respect

    Met respect kom je verder dan met macht.

  • respecterenB1

    respecteerde · hebben gerespecteerd

    to respect

    In Nederland respecteren we elkaars mening.