Vocabulary
7809 words · page 132 of 313
de komkommerA1
cucumber
Snijd de komkommer in plakjes.
de kommaB2
comma; decimal point
Zet hier een komma tussen de twee zinnen.
de komstB1
arrival, coming
Door de komst van de baby is alles veranderd.
het konijnB2
rabbit
In de duinen zie je veel konijnen.
de koningA1
king
De koning opende het parlementaire jaar.
de koninginA2
queen
De koningin bezocht het ziekenhuis.
de KoningsdagA2
King's Day
Op Koningsdag is het hele land oranje.
het koningshuisB2
royal house
Het koningshuis heeft vooral een ceremoniële rol.
koninklijkB1
royal
Op Koningsdag bezoekt de koninklijke familie een stad.
het koninkrijkB1
kingdom
Nederland is een koninkrijk met een koning als staatshoofd.
de kooiB2
cage
De vogel zit in een kooi bij het raam.
het kookboekA2
cookbook
Dit recept staat in mijn kookboek.
het kookpuntB2
boiling point
Het kookpunt van water ligt op honderd graden.
de koolA1
cabbage
In de winter eten we vaak kool.
coal
Vroeger stookten ze de kachel op kool.
het koolhydraatB2
carbohydrate
Brood bestaat vooral uit koolhydraten.
de koopA2
purchase, sale
Het huis van onze buren staat te koop.
het koopgedragB2
buying behaviour
Het koopgedrag van consumenten is veranderd.
het koopjeA2
bargain
Die jas was echt een koopje.
de koopkrachtB2
purchasing power
De koopkracht van huishoudens is gedaald.
de koopkrachtdalingB2
drop in purchasing power
De koopkrachtdaling treft huurders het hardst.
de koopkrachtontwikkelingB2
purchasing power trend
De koopkrachtontwikkeling was dit jaar negatief.
het koopkrachtverliesB2
loss of purchasing power
Door inflatie ontstaat koopkrachtverlies.
de koopovereenkomstB2
purchase agreement
De koopovereenkomst is schriftelijk vastgelegd.
de koopwoningB2
owner-occupied home
Een koopwoning is voor starters onbereikbaar.
het koorB1
choir
Mijn moeder zingt in een koor van de kerk.

