Vocabulary
511 words · page 15 of 21
de bladzijdeB2
page
Het citaat staat op bladzijde twaalf.
blauwA1
blue
De lucht is vandaag blauw.
de blessureA2
injury (sports)
Door een blessure kan hij niet sporten.
blijA1
happy, glad
Ik ben blij met het resultaat.
blijkbaarB2
apparently
Blijkbaar was de brief nooit aangekomen.
blijkenB1irregular
bleek · bleken · zijn gebleken
to turn out, to appear
Het bleek dat niemand de sleutel had.
blijmoedigB2
cheerful
Zij bleef blijmoedig onder alle tegenslag.
blijvenA1irregular
bleef · bleven · zijn gebleven
to stay
Blijf je vanavond eten?
blikA2
look, gaze
Aan zijn blik zag ik dat hij loog.
het blikjeA2
can, tin
In de koelkast staat nog een blikje.
het bloedA2
blood
Ze hebben mijn bloed onderzocht.
de bloeddrukA2
blood pressure
De dokter meet eerst uw bloeddruk.
het bloedonderzoekB1
blood test
Het bloedonderzoek liet niets bijzonders zien.
de bloedsomloopB2
blood circulation
Wandelen is goed voor de bloedsomloop.
de bloeiperiodeB2
flowering period
De bloeiperiode duurt tot in juli.
de bloemB1
flower
Ik heb bloemen voor haar gekocht.
flour
Voor dit brood heb je vijfhonderd gram bloem nodig.
de bloemkoolA1
cauliflower
Vanavond eten we bloemkool.
de blogB1
blog
Zij schrijft elke week een blog over haar leven in Nederland.
het blokB1
block
Na het eten lopen we nog even een blok om.
blokkerenB2
blokkeerde · hebben geblokkeerd
to block
Zij blokkeerde het account meteen.
blozenB2
bloosde · hebben gebloosd
to blush
Zij bloosde bij het compliment.
het blusapparaatB2
fire extinguisher
Het blusapparaat hangt bij de deur.
het bodB2
bid, offer
Zijn bod was net te laag.
de bodemB1
soil, ground
De bodem hier is erg vruchtbaar.
de bodemdalingB2
land subsidence
Bodemdaling veroorzaakt schade aan huizen.

