Woordenschat
5480 woorden · pagina 218 van 220
de zoomB2
hem
De zoom van de broek is te lang.
de zoonA1
son
Hun zoon gaat naar school.
de zorgA2
care (healthcare)
De zorg in Nederland is goed geregeld.
worry
Maak je geen zorgen, het komt wel goed.
het zorgaanbodB2
care provision
Het zorgaanbod in de regio is beperkt.
zorgenA2
zorgde · hebben gezorgd
to ensure; to care for
Ik zorg dat het op tijd klaar is.
de zorgethiekB2
care ethics
Zorgethiek gaat over wat goede zorg is.
de zorgindicatieB1
care assessment
Voor thuiszorg heb je een zorgindicatie nodig.
de zorginnovatieB2
healthcare innovation
Zorginnovatie kan personeelstekorten verlichten.
de zorgketenB2
care chain
De zorgketen loopt van huisarts tot specialist.
de zorgkostenB2
healthcare costs
De zorgkosten stijgen elk jaar.
de zorgkwaliteitB2
quality of care
De zorgkwaliteit wordt jaarlijks getoetst.
de zorgmedewerkerB1
care worker
De zorgmedewerker komt twee keer per dag.
de zorgorganisatieB2
care organisation
De zorgorganisatie beheert vijf locaties.
de zorgpasB1
health insurance card
Neem uw zorgpas mee naar de afspraak.
het zorgpersoneelB2
care staff
Er is een tekort aan zorgpersoneel.
het zorgplanB1
care plan
In het zorgplan staat wie wat doet.
de zorgplichtB2
duty of care
De werkgever heeft een zorgplicht voor zijn personeel.
de zorgprofessionalB2
healthcare professional
Elke zorgprofessional volgt bijscholing.
de zorgsectorB2
care sector
De zorgsector kampt met hoge werkdruk.
de zorgstandaardB2
care standard
Er is een landelijke zorgstandaard voor diabetes.
het zorgstelselB2
healthcare system
Het Nederlandse zorgstelsel staat onder druk.
de zorgtoeslagA2
healthcare allowance
Met een laag inkomen krijg je zorgtoeslag.
de zorgverlenerB1
care provider
Bespreek dit met uw zorgverlener.
de zorgverleningB2
provision of care
De zorgverlening thuis wordt uitgebreid.
de zorgverzekeraarB2
health insurer
De zorgverzekeraar vergoedt deze behandeling niet.

