EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

2021 woorden · pagina 1 van 81

  • aanA1

    on, at, to

    De foto hangt aan de muur.

  • aanbevelingB1

    recommendation

    Zij schreef een aanbeveling voor mij.

  • aanbiedenA2

    to offer

    Zij bood aan om te helpen.

  • aanbiedingA2

    special offer

    De kaas is in de aanbieding.

  • aanbodA2

    range, offer

    Het aanbod in deze winkel is groot.

  • aandachtB1

    attention

    Besteed extra aandacht aan de uitspraak.

  • aandringenB1

    to insist

    Hij bleef aandringen op een antwoord.

  • aangifteB1

    report, declaration

    Doe aangifte bij de politie.

  • aangifteformulierB1

    declaration form

    Het aangifteformulier vind je online.

  • aanhefB1

    salutation

    Gebruik als aanhef 'Geachte heer/mevrouw'.

  • aankomenA2

    to arrive

    Wij komen om acht uur aan.

  • aankomstB1

    arrival

    De aankomst is rond middernacht.

  • aankomsthalA2

    arrivals hall

    Ik wacht op je in de aankomsthal.

  • aankomsttijdA2

    arrival time

    De aankomsttijd staat op je kaartje.

  • aankoopA2

    purchase

    Bewaar de bon van je aankoop.

  • aanmaningB1

    formal payment demand

    Na de herinnering volgt een aanmaning.

  • aanmeldenB1

    to register, to sign up

    U kunt zich online aanmelden.

  • aanpassenA2

    to adapt, to adjust

    Je moet je aanpassen aan de nieuwe regels.

  • aanradenB1

    to recommend

    Ik raad je aan om vroeg te komen.

  • aanrakenA2

    to touch

    Raak de hete pan niet aan.

  • aanspreekpuntB1

    point of contact

    Zij is het aanspreekpunt voor nieuwe cursisten.

  • aanspreekvormB1

    form of address

    In een formele brief gebruik je de aanspreekvorm 'u'.

  • aansprekenB1

    to address, to speak to

    Ik durfde hem er niet op aan te spreken.

  • aanstellingA2

    appointment (to a post)

    Zij kreeg een vaste aanstelling.

  • aansturenB1

    to manage, to lead

    Zij stuurt een team van acht mensen aan.