Woordenschat
6551 woorden · pagina 190 van 263
snappenA2
snapte · hebben gesnapt
to get, to understand (informal)
Ik snap niet wat de docent bedoelt.
de sneeuwB1
snow
In Nederland valt weinig sneeuw.
sneeuwenA2
sneeuwde · hebben gesneeuwd
to snow
In december heeft het een paar dagen gesneeuwd.
snelA1
fast
Hij loopt heel snel.
de snelheidB1
speed
De maximale snelheid op deze weg is tachtig.
de snelheidslimietB1
speed limit
Binnen de bebouwde kom geldt een snelheidslimiet van 30.
de snelwegA2
motorway
Op de snelweg mag je honderd.
snijdenA2onregelmatig
sneed · sneden · hebben gesneden
to cut
Snijd de groente in kleine stukjes.
de snijplankA2
cutting board
Snijd de groente op de snijplank.
snoeienB2
snoeide · hebben gesnoeid
to prune
De struiken moeten gesnoeid worden.
het snoepA1
sweets, candy
Kinderen eten te veel snoep.
soberB2
plain, austere
De inrichting is bewust sober.
sociaalA1
social
Hij is heel sociaal en maakt snel contact.
sociaaleconomischB2
socio-economic
De sociaaleconomische verschillen zijn groot.
sociale klasseB2
social class
Sociale klasse bepaalt nog steeds veel.
sociale mobiliteitB2
social mobility
De sociale mobiliteit is de laatste jaren afgenomen.
de soepA1
soup
De soep is nog te heet.
de softwareB1
software
De nieuwe software werkt nog niet goed.
de softwarelicentieB2
software licence
De school betaalt de softwarelicentie.
de softwareontwikkelingB2
software development
Softwareontwikkeling is een groeiende sector.
de sokA1
sock
Ik kan mijn sokken niet vinden.
de solidariteitB2
solidarity
Het zorgstelsel is gebaseerd op solidariteit.
de sollicitantB2
applicant
Er waren tachtig sollicitanten voor deze functie.
de sollicitatieA2
job application
Mijn sollicitatie is afgewezen.
de sollicitatiebriefB1
cover letter
Schrijf een korte, duidelijke sollicitatiebrief.

