Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

223 palabras · página 8 de 9

  • verdwijnenB1irregular

    verdween · verdwenen · zijn verdwenen

    desaparecer

    Mijn sleutels zijn plotseling uit mijn tas verdwenen.

  • vergelijkenA2irregular

    vergeleek · vergeleken · hebben vergeleken

    comparar

    Vergelijk beide teksten met elkaar.

  • vergetenA1irregular

    vergat · vergaten · hebben vergeten

    olvidar

    Ik ben mijn telefoon vergeten.

  • vergevenB2irregular

    vergaf · vergaven · hebben vergeven

    perdonar

    Zij heeft het hem nooit vergeven.

  • verkopenA1irregular

    verkocht · verkochten · hebben verkocht

    vender

    Ze verkopen hier verse groente.

  • verkrijgenB2irregular

    verkreeg · verkregen · hebben verkregen

    obtener, conseguir

    Informatie is te verkrijgen bij de balie.

  • verlatenB1irregular

    verliet · verlieten · hebben verlaten

    abandonar, salir de

    Wij verlaten het gebouw via de nooduitgang.

  • verliezenA2irregular

    verloor · verloren · hebben/zijn verloren

    perder

    Ons team heeft de wedstrijd met twee tegen één verloren.

  • verlopenB1irregular

    verliep · verliepen · zijn verlopen

    caducar, vencer; transcurrir

    Mijn verblijfsvergunning is vorige maand verlopen.

  • vermijdenA2irregular

    vermeed · vermeden · hebben vermeden

    evitar

    Probeer de spits te vermijden.

  • verschijnenB1irregular

    verscheen · verschenen · zijn verschenen

    aparecer; publicarse

    Het nieuwe boek verschijnt volgende maand in de winkels.

  • verslaanB1irregular

    versloeg · versloegen · hebben verslagen

    derrotar, vencer

    Ons team versloeg de kampioen met drie doelpunten.

  • zich verslapenA2reflexivoirregular

    versliep · versliepen · hebben verslapen

    quedarse dormido

    Ik heb me verslapen en kwam te laat.

  • vertrekkenA2irregular

    vertrok · vertrokken · zijn vertrokken

    salir, partir

    De trein vertrekt over vijf minuten.

  • vervangenB1irregular

    verving · vervingen · hebben vervangen

    reemplazar, sustituir

    De monteur moet de kapotte lamp vervangen.

  • verwijtenB2irregular

    verweet · verweten · hebben verweten

    reprochar

    Zij verwijt hem zijn stilzwijgen.

  • verwijzenA2irregular

    verwees · verwezen · hebben verwezen

    referirse

    De auteur verwijst naar eerder onderzoek.

  • verzinnenB1irregular

    verzon · verzonnen · hebben verzonnen

    inventar

    Hij verzint altijd een smoes als hij te laat is.

  • verzoekenB1irregular

    verzocht · verzochten · hebben verzocht

    solicitar, rogar

    Wij verzoeken u het formulier te ondertekenen.

  • vindenA1irregular

    vond · vonden · hebben gevonden

    encontrar; opinar

    Ik kan het niet vinden.

  • vliegenA2irregular

    vloog · vlogen · hebben/zijn gevlogen

    volar

    We vliegen volgende week naar Marokko.

  • voldoenB2irregular

    voldeed · voldeden · hebben voldaan

    cumplir (requisitos)

    Uw aanvraag moet aan alle voorwaarden voldoen.

  • volhoudenB2separableirregular

    hield vol · hielden vol · hebben volgehouden

    aguantar, seguir adelante

    Het is zwaar, maar hij houdt vol.

  • zich voordoenB2separablereflexivoirregular

    deed voor · deden voor · hebben voorgedaan

    presentarse, surgir (una situación)

    Als zich een probleem voordoet, bel ons dan.

  • voorkomenA1separableirregular

    kwam voor · kwamen voor · zijn voorgekomen

    ocurrir, darse

    Dat probleem komt hier vaak voor.