Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

4598 palabras · página 60 de 184

  • de handA1

    mano

    Was je handen voor het eten.

  • de handdoekA1

    toalla

    De handdoek hangt in de badkamer.

  • de handelB1

    comercio

    De haven van Rotterdam is belangrijk voor de handel.

  • de handelaarB2

    comerciante, tratante

    De handelaar verkoopt groente op de markt.

  • de handelingB1

    acto, procedimiento

    Deze handeling mag alleen een arts uitvoeren.

  • de handelsbalansB2

    balanza comercial

    Nederland heeft een positieve handelsbalans.

  • de handelsgeestB2

    espíritu comercial

    De Nederlandse handelsgeest is spreekwoordelijk.

  • het handelsoverschotB2

    superávit comercial

    Nederland heeft een groot handelsoverschot.

  • het handelsregisterB2

    registro mercantil

    Elk bedrijf staat in het handelsregister.

  • het handgebaarB2

    gesto con la mano

    Datzelfde handgebaar betekent elders iets anders.

  • de handhavingB2

    aplicación de la norma

    Zonder handhaving blijft de regel een papieren tijger.

  • de handhygiëneB2

    higiene de manos

    Goede handhygiëne voorkomt de meeste besmettingen.

  • de handicapB1

    discapacidad

    Met een handicap heb je recht op aanpassingen.

  • de handleidingB2

    manual

    De handleiding staat online in zes talen.

  • de handtekeningA2

    firma, rúbrica

    Zet hier onderaan het formulier uw handtekening.

  • de haringB2

    arenque

    Verse haring eet je met ui.

  • de harkB2

    rastrillo

    Hark de bladeren bij elkaar.

  • de harmonieB1

    armonía; banda

    De buren leven in harmonie met elkaar.

  • het hartA1

    corazón

    Mijn hart klopt snel.

  • de hartelijkheidB2

    cordialidad

    De hartelijkheid van de buren viel op.

  • het hartfilmpjeB2

    electrocardiograma

    Er werd meteen een hartfilmpje gemaakt.

  • de hartslagA1

    latido, pulso

    Mijn hartslag gaat snel na het sporten.

  • de hashtagB2

    hashtag

    De hashtag stond de hele dag bovenaan.

  • de havenA2

    puerto

    De boot ligt in de haven van Den Helder.

  • de havenarbeiderB2

    estibador

    De havenarbeiders legden het werk neer.