Vocabulario
505 palabras · página 21 de 21
zwaarA2
pesado
Deze koffer is te zwaar voor het vliegtuig.
zwakA1
débil
Na de griep voelde ik me zwak.
zwangerA2
embarazada
Mijn zus is zeven maanden zwanger.
zwartA1
negro
Hij heeft zwarte schoenen aan.
en negro, sin declarar (trabajo)
Zwart werken kan een hoge boete opleveren.
zwijgzaamB2
callado
Zij is van nature nogal zwijgzaam.

