Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

4398 palabras · página 18 de 176

  • het bestuursakkoordB2

    acuerdo de gobierno

    In het bestuursakkoord staan de plannen voor vier jaar.

  • de bestuurscultuurB2

    cultura de gobierno

    De bestuurscultuur moet opener worden.

  • het bestuursorgaanB2

    órgano administrativo

    Een bestuursorgaan moet zijn besluiten motiveren.

  • de betaalappB2

    aplicación de pago

    Met de betaalapp regel je alles op je telefoon.

  • de betaalmethodeA2

    método de pago

    Welke betaalmethode gebruikt u?

  • de betaalpasB2

    tarjeta de débito

    Mijn betaalpas is verlopen.

  • de betaaltermijnB1

    plazo de pago

    De betaaltermijn is dertig dagen.

  • het betaalverzoekB1

    solicitud de pago

    Ik stuur je een betaalverzoek via de app.

  • de betalingA2

    pago

    De betaling is nog niet binnen.

  • de betalingsachterstandB1

    impago acumulado

    Meld een betalingsachterstand op tijd.

  • de betalingsherinneringB2

    recordatorio de pago

    De eerste betalingsherinnering is nog kosteloos.

  • de betalingsregelingB1

    plan de pago

    Je kunt een betalingsregeling aanvragen.

  • de betalingstermijnB2

    plazo de pago

    De betalingstermijn is dertig dagen.

  • de betekenisA2

    significado

    Zoek de betekenis van dit woord op in het woordenboek.

  • beterschapA2

    que te mejores

    Beterschap, hopelijk voel je je snel beter!

  • het betonB2

    hormigón

    De nieuwe brug is helemaal van beton.

  • het betoogB2

    argumento, exposición

    Haar betoog was helder opgebouwd.

  • de betrekkingB1

    relación (referirse a)

    Mijn vraag heeft betrekking op de nieuwe regels.

  • de betrokkenheidB2

    implicación

    De betrokkenheid van bewoners was groot.

  • de betrouwbaarheidB2

    fiabilidad

    De betrouwbaarheid van de cijfers is betwist.

  • het betrouwbaarheidsintervalB2

    intervalo de confianza

    Het betrouwbaarheidsinterval is breed.

  • de beugelB2

    aparato dental

    Zij draagt sinds een jaar een beugel.

  • de beukB2

    haya

    Voor ons huis staat een oude beuk.

  • de beursB1

    beca; bolsa; feria

    Zij kreeg een beurs om in het buitenland te studeren.

  • de beursgangB2

    salida a bolsa

    De beursgang is uitgesteld.