Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

4398 palabras · página 167 de 176

  • de werkdagA2

    jornada laboral

    Het was een lange werkdag.

  • het werkdocumentB1

    documento de trabajo

    Bewaar dit werkdocument goed.

  • de werkdrukB2

    carga de trabajo

    De werkdruk in de zorg is hoog.

  • de werkelijkheidB1

    realidad

    In werkelijkheid was het allemaal veel ingewikkelder.

  • de werkervaringB1

    experiencia laboral

    Voor deze baan is werkervaring vereist.

  • de werkgelegenheidB2

    empleo

    De fabriek zorgt voor veel werkgelegenheid.

  • het werkgelukB1

    felicidad laboral

    Werkgeluk hangt niet alleen van het salaris af.

  • de werkgeverA2

    empleador

    Mijn werkgever betaalt de cursus.

  • de werkgeversbijdrageB2

    aportación del empleador

    De werkgeversbijdrage aan het pensioen is fors.

  • het werkgeverschapB2

    buenas prácticas del empleador

    Goed werkgeverschap gaat verder dan het salaris.

  • de werkgeverslastenB2

    cargas del empleador

    De werkgeverslasten zijn dit jaar gestegen.

  • de werkgeversorganisatieB2

    patronal

    De werkgeversorganisatie onderhandelt namens de bedrijven.

  • de werkgeversverklaringB1

    certificado del empleador

    Voor de hypotheek heb je een werkgeversverklaring nodig.

  • de werkgroepB2

    grupo de trabajo

    In de werkgroep bespreken we de stof.

  • de werkhoudingB1

    actitud laboral

    Zijn werkhouding is voorbeeldig.

  • de werkingB1

    funcionamiento; efecto

    Lees de bijsluiter over de werking van het medicijn.

  • de werkinstructieA2

    instrucción de trabajo

    Lees de werkinstructie goed door.

  • de werkloosheidB1

    desempleo

    De werkloosheid onder jongeren is dit jaar gedaald.

  • het werkloosheidscijferB2

    tasa de desempleo

    Het werkloosheidscijfer is historisch laag.

  • de werkloosheidsuitkeringB2

    prestación por desempleo

    De werkloosheidsuitkering duurt maximaal twee jaar.

  • de werknemerB1

    empleado

    Elke werknemer heeft recht op vakantiedagen.

  • de werkomgevingA2

    entorno de trabajo

    Ik heb een prettige werkomgeving.

  • de werkopdrachtB1

    encargo laboral

    Ik kreeg een nieuwe werkopdracht van mijn leidinggevende.

  • het werkoverlegB1

    reunión de trabajo

    Elke maandag is er werkoverleg.

  • het werkplanA2

    plan de trabajo

    We maken eerst een werkplan.