Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

5 palabras · página 1 de 1

  • samenlevenB1separable

    leefde samen · hebben samengeleefd

    convivir

    Samenleven met verschillende culturen vraagt inzet.

  • samenvattenB2separable

    vatte samen · hebben samengevat

    resumir

    Kun je het kort samenvatten?

  • samenwerkenB1separable

    werkte samen · hebben samengewerkt

    colaborar

    We moeten beter samenwerken.

  • samenwonenB2separable

    woonde samen · hebben samengewoond

    vivir juntos (en pareja)

    Zij gaan volgend jaar samenwonen.

  • schoonmakenA2separable

    maakte schoon · hebben schoongemaakt

    limpiar

    Op zaterdag maak ik het huis schoon.