Vocabulario
217 palabras · página 6 de 9
het pootgoedB2
patata de siembra
Het pootgoed voor aardappelen wordt apart bewaard.
het poppodiumB2
sala de música moderna
Het poppodium programmeert vooral jonge bands.
de portemonneeA1
cartera
Mijn portemonnee zit in mijn tas.
de portieA2
ración
Dat is een grote portie.
het portiekB2
portal
In het portiek staan de fietsen.
de portierB2
portero
De portier liet ons binnen.
de positieB1
posición
Zij heeft een goede positie binnen het bedrijf.
de postA2
correo
Ik heb vandaag een brief van de gemeente met de post gekregen.
de postbezorgingB2
reparto de correo
De postbezorging is nog maar drie dagen per week.
het postuurB2
complexión
Hij heeft een stevig postuur.
de postzegelA1
sello
Je hebt een postzegel nodig voor deze brief.
de praktijkB1
práctica
In de praktijk werkt het anders dan op papier.
consulta (médica)
De praktijk van onze huisarts is op maandag dicht.
het praktijkexamenB2
examen práctico
Het praktijkexamen doe je op locatie.
de praktijkondersteunerB2
enfermera de apoyo en consulta
De praktijkondersteuner begeleidt diabetespatiënten.
de preiA1
puerro
Doe wat prei in de soep.
de premiebetalingB2
pago de la prima
De premiebetaling loopt via je werkgever.
de premierB1
primer ministro
De premier geeft vanavond een persconferentie.
de presentatieB1
presentación
Ik moet een presentatie geven.
de presidentB1
presidente
De president van Frankrijk bezoekt volgende week Nederland.
de prestatieB1
rendimiento, logro
De school is trots op de prestaties van de leerlingen.
de preventieB2
prevención
Preventie is goedkoper dan behandeling.
het preventiebeleidB2
política de prevención
Het preventiebeleid moet ziektes voorkomen.
de priesterB2
sacerdote
De priester ging voor in de dienst.
de prijsA1
precio
De prijs staat op het etiket.
premio
Zij heeft de eerste prijs gewonnen met haar verhaal.
de prijsafspraakB1
acuerdo de precio
We hebben vooraf een prijsafspraak gemaakt.

