Vocabulario
125 palabras · página 4 de 5
het concurrentiebedingB2
cláusula de no competencia
Het concurrentiebeding geldt twee jaar.
de concurrentiepositieB2
posición competitiva
De concurrentiepositie van het bedrijf verzwakt.
de condoleanceB2
pésame
De condoleance is voorafgaand aan de dienst.
de conducteurA2
revisor
De conducteur controleerde de kaartjes.
het conflictA2
conflicto
Het conflict liep hoog op.
de conjunctuurB2
coyuntura económica
De conjunctuur zwakt dit jaar af.
de connotatieB2
connotación
Dat woord heeft een negatieve connotatie.
de conservatorB2
conservador de museo
De conservator koos de werken uit.
het consultB1
consulta
Een consult duurt ongeveer tien minuten.
het consultatiebureauA2
centro de salud infantil
Op het consultatiebureau wordt je kind gewogen.
de consumentB2
consumidor
De consument betaalt uiteindelijk de rekening.
de consumentenbondB2
asociación de consumidores
De consumentenbond testte tien modellen.
het consumentenrechtB2
derecho del consumidor
Het consumentenrecht beschermt je bij een miskoop.
het consumentenvertrouwenB2
confianza del consumidor
Het consumentenvertrouwen is licht gestegen.
de consumptieB2
consumo
De consumptie van huishoudens daalde licht.
het consumptiegoedB2
bien de consumo
Consumptiegoederen zijn sneller duurder geworden dan diensten.
het contactA1
contacto
Ik heb nog geen contact met hem gehad.
het contactformulierB1
formulario de contacto
Vul het contactformulier op de website in.
de contactlensB2
lentilla
Hij draagt liever contactlenzen dan een bril.
het contractA2
contrato
Ik heb het contract nog niet getekend.
de contractbreukB2
incumplimiento contractual
Dit is duidelijk contractbreuk.
de contractverlengingB2
prórroga del contrato
Een contractverlenging is nog niet zeker.
de contributieB2
cuota de socio
De contributie wordt per kwartaal geïnd.
de controleA2
revisión
Over drie maanden komt u terug voor controle.
de controleafspraakB1
cita de control
Over drie maanden heb ik een controleafspraak.

