Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

7809 palabras · página 70 de 313

  • echtA1

    de verdad, real

    Is dat echt waar?

  • echterB1

    sin embargo

    Het plan is goed; het is echter te duur.

  • de echtgenootA1

    esposo

    Haar echtgenoot werkt in het buitenland.

  • de echtgenoteB1

    esposa (formal)

    De burgemeester kwam samen met zijn echtgenote.

  • het echtpaarB2

    matrimonio (pareja)

    Het oude echtpaar is zestig jaar getrouwd.

  • de echtscheidingB2

    divorcio

    Na de echtscheiding bleef het contact goed.

  • ecologischB2

    ecológico

    De ecologische voetafdruk verschilt sterk per land.

  • de economieA2

    economía

    De economie groeide licht dit kwartaal.

  • economischA2

    económico

    De economische situatie is onzeker.

  • economisch herstelB2

    recuperación económica

    Het economisch herstel verloopt langzaam.

  • economische crisisB2

    crisis económica

    Tijdens de economische crisis daalde de koopkracht sterk.

  • economische impactB2

    impacto económico

    De economische impact van de maatregel is onderzocht.

  • economische zelfstandigheidB2

    independencia económica

    Werk vergroot de economische zelfstandigheid.

  • het ecosysteemB2

    ecosistema

    Het ecosysteem raakt uit balans.

  • het eczeemB2

    eccema

    Het eczeem komt in de winter terug.

  • de editieB2

    edición

    Dit is de tiende editie van het festival.

  • de eedB2

    juramento

    De getuige legde in de rechtbank een eed af.

  • éénA1

    uno

    Ik heb maar één broer en twee zussen.

  • de eendB1

    pato

    De eenden zwemmen in de gracht.

  • de eenheidB1

    unidad

    Na het conflict zocht het land naar eenheid.

  • eenmaalB1

    una vez; (nu eenmaal) así es

    Het is nu eenmaal zo, daar kunnen we niets aan doen.

  • eenmaligB1

    único, puntual

    U krijgt een eenmalige vergoeding van honderd euro.

  • het eenoudergezinB2

    familia monoparental

    Een eenoudergezin heeft vaker een laag inkomen.

  • eensA2

    alguna vez; (partícula suavizadora)

    Kom eens langs als je tijd hebt.

  • eenvoudigA2

    sencillo

    De uitleg was eenvoudig en duidelijk.