Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

5046 palabras · página 68 de 202

  • hitteB1

    calor intenso

    De hitte was ondraaglijk deze zomer.

  • hittegolfB1

    ola de calor

    Tijdens de hittegolf werd het veertig graden.

  • hobbyB1

    afición

    Fotograferen is mijn grootste hobby.

  • hobbybeursB1

    feria de aficiones

    Op de hobbybeurs staan honderden kraampjes.

  • hobbygroepB1

    grupo de aficionados

    Zij zit in een hobbygroep voor fotografie.

  • hobbymateriaalB1

    material para aficiones

    Al mijn hobbymateriaal ligt op zolder.

  • hobbyruimteB1

    sala de aficiones

    Hij heeft een hobbyruimte in de schuur.

  • hoeA1

    cómo

    Hoe gaat het met je?

  • hoe gaat hetB2

    cómo estás

    Hoe gaat het met je moeder?

  • hoekA1

    esquina

    De bakker zit om de hoek.

  • hoelangA1

    cuánto tiempo

    Hoelang woon je al in Nederland?

  • hoestdrankA2

    jarabe para la tos

    Neem 's avonds wat hoestdrank.

  • hoestenA2

    toser

    Het kind hoest de hele nacht.

  • hoeveelA1

    cuánto

    Hoeveel kost dit?

  • hoeveelheidA2

    cantidad

    Gebruik een kleine hoeveelheid zout.

  • hoewelA2

    aunque

    Hoewel het regende, gingen we toch.

  • hoffelijkheidB2

    cortesía

    Hoffelijkheid kost niets.

  • hoger beroepB2

    recurso de apelación

    Zij ging in hoger beroep.

  • hoiA1

    hola

    Hoi, hoe is het?

  • homeopathieB2

    homeopatía

    Over de werking van homeopathie wordt gediscussieerd.

  • hondB2

    perro

    De hond moet hier aangelijnd zijn.

  • hondenbelastingB2

    impuesto sobre perros

    Niet elke gemeente heft hondenbelasting.

  • honderdA1

    cien

    Dat kost ongeveer honderd euro.

  • hongerA1

    hambre

    Ik heb honger.

  • honingA1

    miel

    Doe wat honing in je thee.