Vocabulario
7809 palabras · página 66 de 313
doorzichtigB2
transparente
Doe het afval in een doorzichtige zak.
de doosA1
caja
De boeken zitten in een doos.
dopenB1
doopte · hebben gedoopt
bautizar; mojar
Het kindje wordt zondag in de kerk gedoopt.
het dorpA1
pueblo
Zij komt uit een klein dorp.
het dorpshuisB2
casa del pueblo
Het dorpshuis is het hart van de gemeenschap.
de dorpskernB2
casco del pueblo
De winkels staan in de dorpskern.
het dorpslevenB2
vida rural
Het dorpsleven draait om de vereniging.
de dorstA1
sed
Heb je dorst?
de doseringB2
dosificación
Houd je precies aan de dosering.
de dosisB1
dosis
Neem nooit een hogere dosis dan op de bijsluiter staat.
het dossierB1
expediente
De huisarts kijkt eerst in je dossier.
de douaneB2
aduana
De douane controleerde de vrachtwagen.
doublerenB2
doubleerde · hebben gedoubleerd
repetir el curso
Hij moest de derde klas doubleren.
de doucheA1
ducha
Ik neem 's ochtends een douche.
de douchekopB2
alcachofa de ducha
Een zuinige douchekop halveert het verbruik.
douchenA2
douchte · hebben gedoucht
ducharse
Ik ga even douchen voordat we naar het feest gaan.
dovenB2
doofde · hebben gedoofd
apagar (fuego)
Doof de kaarsen voordat je gaat slapen.
downloadenA2
downloadde · hebben gedownload
descargar
Download de app op je telefoon.
de draadB1
hilo, cable
Er hangt een losse draad aan je jas.
het draagvlakB2
apoyo social
Zonder draagvlak onder bewoners lukt het plan niet.
draaienA2
draaide · hebben gedraaid
girar, dar vueltas
Draai de sleutel twee keer om in het slot.
dragenA1irregular
droeg · droegen · hebben gedragen
llevar (puesto); cargar
Hij draagt een zwarte jas.
het dramaB2
drama
Het verlies van hun huis was een groot drama.
dramatischB2
dramático
De gevolgen van de storm waren dramatisch.
de drangB1
impulso, ganas
Hij voelde een sterke drang om te gaan reizen.

