Vocabulario
1768 palabras · página 64 de 71
de voetA1
pie
Mijn voet doet zeer.
het voetbalA1
fútbol
Op zaterdag kijkt mijn vader altijd voetbal op tv.
de voetbalclubA2
club de fútbol
Mijn zoon is lid van de voetbalclub in ons dorp.
de vogelB1
pájaro
In de tuin zitten veel vogels.
de voicemailB1
buzón de voz
Ik heb een bericht op je voicemail ingesproken.
het volkB1
pueblo (nación)
Het volk kiest elke vier jaar een nieuw parlement.
het voorbeeldA2
ejemplo
Kun je een voorbeeld geven?
de voorbereidingB1
preparación
Een goede voorbereiding is de helft van het werk.
het voordeelB1
ventaja
Een voordeel van dit huis is de grote tuin.
de voordeurA1
puerta principal
De voordeur zit op slot.
het voorgerechtA2
entrante
Als voorgerecht nemen we soep.
de voorlichtingB1
información pública
De gemeente geeft voorlichting over afvalscheiding.
de voorraadA2
existencias
We hebben het niet meer op voorraad.
de voorraadkastA2
despensa
Het meel staat in de voorraadkast.
de voorrangB1
prioridad de paso
Fietsers hebben hier voorrang.
het voorstelB1
propuesta
Ik heb een voorstel voor ons volgende uitje.
de voortgangB1
progreso
Je kunt je voortgang online volgen.
de voorwaardeA2
condición
Lees eerst de voorwaarden.
de voorzieningB1
servicio, instalación
In de wijk zijn goede voorzieningen.
de voorzitterB1
presidente (de una reunión)
De voorzitter opent de vergadering om acht uur.
de vorkA1
tenedor
Er ligt geen vork op tafel.
de vormB1
forma
Deze tafel heeft een ronde vorm.
de vorstB1
helada
Vannacht wordt er vorst verwacht.
monarca, soberano
De vorst opende zelf het nieuwe gebouw.
de vraagA1
pregunta
Mag ik u een vraag stellen over het formulier?
de vraagstellingB1
planteamiento de la pregunta
Let goed op de vraagstelling van de opdracht.

