Vocabulario
1756 palabras · página 61 de 71
de verkoperA2
vendedor
De verkoper hielp me met de maat.
verkoudenA2
estar resfriado
Ik ben een beetje verkouden.
de verkoudheidA2
resfriado
Een verkoudheid duurt meestal een week.
verlegenA2
tímido
Hij is nogal verlegen bij nieuwe mensen.
verliezenA2irregular
verloor · verloren · hebben/zijn verloren
perder
Ons team heeft de wedstrijd met twee tegen één verloren.
verloofdA1
prometido
Ze zijn sinds vorige maand verloofd.
vermijdenA2irregular
vermeed · vermeden · hebben vermeden
evitar
Probeer de spits te vermijden.
de verpakkingA2
envase
De verpakking is van karton.
verplaatsenA2
verplaatste · hebben verplaatst
trasladar, aplazar
Kunnen we de afspraak verplaatsen?
de verpleegkundigeA2
enfermero
De verpleegkundige komt zo bij u.
de verpleegsterA2
enfermera
De verpleegster brengt elke ochtend mijn medicijnen.
de verplegerA2
enfermero (hombre)
De verpleger helpt de patiënt uit bed.
de verrassingA2
sorpresa
Het feest voor haar verjaardag was een grote verrassing.
versA2
fresco
Dit brood is niet meer vers.
het vers
verso, estrofa
Het gedicht bestaat uit vier verzen van elk vier regels.
het verschilA2
diferencia
Wat is het verschil tussen deze twee?
verschillendA1
diferente
We hebben verschillende opties bekeken.
verschrikkelijkA2
terrible, horrible
Het weer was op vakantie echt verschrikkelijk.
zich verslapenA2reflexivoirregular
versliep · versliepen · hebben verslapen
quedarse dormido
Ik heb me verslapen en kwam te laat.
verspreidenA2
verspreidde · hebben verspreid
difundir
Het bericht werd snel verspreid.
versturenA2
verstuurde · hebben verstuurd
enviar
Verstuur het formulier voor vrijdag.
vertalenA2
vertaalde · hebben vertaald
traducir
Kun je deze brief voor mij in het Engels vertalen?
de vertalingA2
traducción
De vertaling dekt de nuance niet.
vertellenA1
vertelde · hebben verteld
contar
Vertel eens, hoe was je dag?
de vertragingA2
retraso
De trein heeft tien minuten vertraging.
de vertrekhalA2
sala de salidas
We spreken af in de vertrekhal.

