Vocabulario
3699 palabras · página 56 de 148
het inzichtB1
comprensión, perspectiva
Deze cursus geeft je inzicht in je eigen gedrag.
irritantB1
irritante, molesto
Dat geluid van de buren is echt irritant.
de isolatieA2
aislamiento (térmico)
Betere isolatie verlaagt de energierekening.
isolerenB1
isoleerde · hebben geïsoleerd
aislar
Wij laten het dak isoleren om energie te besparen.
jaA1
sí
Ja, ik kom morgen graag naar je feest.
het jaarA1
año
Een jaar heeft twaalf maanden.
jaarlijksA1
anualmente
Er is jaarlijks een buurtfeest.
de jaaropgaveB1
certificado anual de ingresos
Bewaar je jaaropgave voor de belastingaangifte.
de jachtB1
caza
De jacht op wolven is in Nederland verboden.
jagenB1
jaagde · hebben gejaagd
cazar
In dit bos mag niet worden gejaagd.
jaloersA2
celoso, envidioso
Hij is een beetje jaloers op zijn broer.
de jamA1
mermelada
Ik eet brood met jam.
jammerA2
qué pena, lástima
Wat jammer dat je niet naar het feest kunt komen.
januariA1
enero
Mijn cursus begint in januari.
jarigA1
que cumple años
Mijn zoon is vandaag jarig.
de jasA1
abrigo
Doe je jas aan, het is koud.
jawelA2
sí (contradiciendo)
Je hebt je huiswerk niet gemaakt. Jawel, het is af!
de jeugdB1
juventud, infancia
In mijn jeugd speelde ik altijd buiten op straat.
jongA1
joven
Zij is nog heel jong.
de jongenA1
chico
Die jongen is mijn zoon.
joodsB1
judío
In Amsterdam woonden vroeger veel joodse families.
de journalistA2
periodista
De journalist sprak met meerdere getuigen.
het jubileumB1
aniversario
De vereniging viert haar vijftigjarig jubileum.
juistA2
correcto
Kies het juiste antwoord uit de lijst.
juliA1
julio
In juli gaan we op vakantie.

