Vocabulario
1768 palabras · página 56 de 71
de teamvergaderingA2
reunión de equipo
De teamvergadering is elke maandag.
de techniekB1
técnica
Hij heeft veel interesse in techniek en computers.
de technologieA2
tecnología
Nieuwe technologie verandert de arbeidsmarkt.
de teenA1
dedo del pie
Ik stootte mijn teen tegen de tafel.
de tegenstanderB1
adversario, rival
Onze tegenstander was veel sterker dan wij.
het tegoedA2
saldo disponible
Er staat nog tegoed op mijn kaart.
het tekenB1
señal, signo
Een rode lucht is een teken van mooi weer.
de tekstA1
texto
Lees de tekst en beantwoord daarna de vragen.
de telefoonA1
teléfono
Mijn telefoon is leeg.
het telefoongesprekB1
llamada telefónica
Na het telefoongesprek was alles duidelijk.
de televisieA1
televisión
De televisie staat de hele dag aan.
de temperatuurB1
temperatura
De temperatuur daalt vannacht.
de temperatuurstijgingB1
aumento de temperatura
De temperatuurstijging is duidelijk zichtbaar.
het tempoB1
velocidad, ritmo
Het tempo van de cursus ligt hoog.
de tentoonstellingB1
exposición
In het museum is een nieuwe tentoonstelling.
de termijnB1
plazo
Je kunt in termijnen betalen.
het terrasB1
terraza
Bij mooi weer zitten we op het terras.
de testA2
prueba, test
De dokter doet een test om te zien wat je hebt.
het theaterB1
teatro
In het theater draait een nieuw stuk.
het theaterbezoekB1
visita al teatro
Een theaterbezoek is best duur.
de theeA1
té
Ik drink liever thee dan koffie.
het themaB1
tema (central)
Het thema van de les is wonen in Nederland.
de theorieA2
teoría
In theorie klopt het, in de praktijk niet.
de therapieB1
terapia
Hij volgt therapie na het ongeluk.
de thermometerA2
termómetro
Meet even met de thermometer.

