Vocabulario
3699 palabras · página 54 de 148
het inkomenA2
ingresos
Zijn inkomen is dit jaar gestegen.
de inkomstenB1
ganancias, ingresos
De inkomsten uit verhuur zijn gedaald.
de inkomstenbelastingB1
impuesto sobre la renta
De inkomstenbelasting geef je jaarlijks aan.
de inkomstenbronB1
fuente de ingresos
Zijn enige inkomstenbron is zijn pensioen.
de inleidingB1
introducción
Begin je brief met een korte inleiding.
inleverenA2separable
leverde in · hebben ingeleverd
entregar (un trabajo)
Je moet je huiswerk voor vrijdag inleveren.
inloggenA2separable
logde in · hebben ingelogd
iniciar sesión
Log in met je e-mailadres.
inmiddelsB1
ya, mientras tanto
Hij woont inmiddels al tien jaar in Nederland.
innemenB1separableirregular
nam in · namen in · hebben ingenomen
tomar (medicamento); ocupar
Neem deze pillen drie keer per dag in.
inpakkenA2separable
pakte in · hebben ingepakt
empacar; envolver
Morgen gaan we op vakantie, dus ik moet nog inpakken.
inrichtenA2separable
richtte in · hebben ingericht
amueblar
We moeten de woonkamer nog inrichten.
het inschrijfbewijsB1
justificante de empadronamiento
Bewaar je inschrijfbewijs van de gemeente.
het inschrijfgeldA2
cuota de inscripción
Het inschrijfgeld betaal je één keer.
zich inschrijvenB1separablereflexivoirregular
schreef in · schreven in · hebben ingeschreven
inscribirse
Je kunt je online inschrijven voor de cursus.
de inschrijvingB1
inscripción, empadronamiento
Uw inschrijving bij de gemeente is verwerkt.
het insectB1
insecto
In de zomer zijn er veel insecten.
de inspanningB1
esfuerzo
Met veel inspanning heeft hij zijn diploma gehaald.
de inspiratieB1
inspiración
Ik haal veel inspiratie uit de natuur.
inspirerenB1
inspireerde · hebben geïnspireerd
inspirar
Haar verhaal heeft veel jonge vrouwen geïnspireerd.
de inspraakB1
participación, voz
Bewoners kregen inspraak in het ontwerp.
de inspraakavondB1
sesión vecinal de consulta
Er komt een inspraakavond over het bouwplan.
de installatieB1
instalación
De installatie van de zonnepanelen kost een dag.
installerenB1
installeerde · hebben geïnstalleerd
instalar
Ik moet eerst de nieuwe app installeren.
de instantieB1
organismo
Neem contact op met de juiste instantie.
instappenA2separable
stapte in · zijn ingestapt
subir (a un vehículo)
U kunt achterin instappen.

