Vocabulario
1962 palabras · página 43 de 79
okéA1
vale, de acuerdo
Oké, dan zie ik je morgen om negen uur.
oktoberA1
octubre
In oktober vallen de bladeren.
de olieA2
aceite
Bak het in een beetje olie.
de olifantA2
elefante
De olifant drinkt water met zijn slurf.
de olijfA1
aceituna
Wil je olijven bij de borrel?
omA1
a (la hora); alrededor de
De les begint elke dag om half negen.
para (om … te)
Ik ga naar de bibliotheek om te studeren.
de omaA1
abuela
Mijn oma woont in een klein dorp.
omdatA1
porque
Ik kom niet, omdat ik moet werken.
omdraaienA2separable
draaide om · hebben omgedraaid
dar la vuelta
Draai het papier om en lees de achterkant.
de omgevingA2
alrededores, entorno
In de omgeving van ons huis zijn veel parken.
omhoogA2
arriba, hacia arriba
Kijk eens omhoog, daar vliegt een ooievaar.
omlaagA2
abajo, hacia abajo
Hij keek omlaag naar de straat.
onafhankelijkA2
independiente
De rechter oordeelt onafhankelijk.
onderA1
debajo
De doos staat onder het bed.
onderaanA2
abajo del todo
Zet je handtekening onderaan de brief.
het onderhoudA2
mantenimiento
Het onderhoud van de tuin kost tijd.
de ondernemerA2
empresario
Als ondernemer draag je zelf het risico.
ondertekenenA2
ondertekende · hebben ondertekend
firmar
Onderteken het contract onderaan.
onderwegA2
en camino
Ik ben al onderweg, over tien minuten ben ik er.
het onderwerpA2
tema
Dat is een moeilijk onderwerp.
het onderwijsA2
educación, enseñanza
In Nederland is het onderwijs voor kinderen gratis.
het onderzoekA1
examen, estudio
Het onderzoek liet niets bijzonders zien.
onderzoekenA2irregular
onderzocht · onderzochten · hebben onderzocht
investigar
Journalisten onderzoeken de zaak nog.
examinar, reconocer (a un paciente)
De huisarts onderzoekt haar knie.
ongeduldigA2
impaciente
Ze wachtte ongeduldig op het antwoord.
het ongelukA2
accidente
Het ongeluk gebeurde op de trap.

