Vocabulario
1053 palabras · página 38 de 43
versA2
fresco
Dit brood is niet meer vers.
het vers
verso, estrofa
Het gedicht bestaat uit vier verzen van elk vier regels.
het verschilA2
diferencia
Wat is het verschil tussen deze twee?
de vertalingA2
traducción
De vertaling dekt de nuance niet.
de vertragingA2
retraso
De trein heeft tien minuten vertraging.
de vertrekhalA2
sala de salidas
We spreken af in de vertrekhal.
de vertrektijdA2
hora de salida
Wat is de vertrektijd van de trein?
vertrouwenA1
vertrouwde · hebben vertrouwd
confiar
Ik vertrouw mijn buren, ze zijn altijd eerlijk.
het vertrouwen
confianza
Het kost tijd om vertrouwen op te bouwen.
de verwachtingA2
expectativa
De verwachting is dat het morgen regent.
de verwarmingA2
calefacción
Zet de verwarming wat lager.
de verzekeringA2
seguro (póliza)
Heb je een verzekering voor je fiets?
de videoA1
vídeo
Ik heb een korte video van het feest gemaakt.
de vingerA1
dedo
Ik heb mijn vinger gesneden.
het virusA2
virus
Het virus verspreidt zich via de lucht.
de visA1
pescado
Op vrijdag eten we vaak vis.
de vitamineA2
vitamina
In de winter slik ik extra vitamine D.
de vlaA1
natillas
Als toetje eten we vla.
de vlagA2
bandera
Op Koningsdag hangt overal de Nederlandse vlag.
het vleesA1
carne
Zij eet geen vlees.
het vliegtuigA2
avión
Het vliegtuig vertrekt om zeven uur.
de vloerA1
suelo (de una habitación)
De vloer is nog nat.
de vloerverwarmingA2
suelo radiante
In de badkamer ligt vloerverwarming.
de vluchtA2
vuelo; huida
Onze vlucht naar Istanbul heeft twee uur vertraging.
de vluchtelingA2
refugiado
De gemeente vangt vluchtelingen op.
het voedingsmiddelA2
producto alimenticio
Sommige voedingsmiddelen bevatten veel zout.
de voedingswaardeA2
valor nutricional
De voedingswaarde staat op de verpakking.

