Vocabulario
6551 palabras · página 37 de 263
braafA2
bueno, obediente
De hond bleef braaf zitten tot hij eten kreeg.
bradenB2irregular
braadde · braadden · hebben gebraden
asar, dorar
Braad het vlees kort aan.
de brainstormsessieB2
sesión de lluvia de ideas
De brainstormsessie leverde twintig ideeën op.
de brandA2
incendio
Bij brand moet je direct 112 bellen.
brandalarmB2
alarma de incendios
Bij brandalarm verlaat u direct het gebouw.
brandenA2
brandde · hebben gebrand
arder, quemar; estar encendido
In de woonkamer brandt nog licht.
de brandnetelB2
ortiga
Pas op voor de brandnetels.
de brandstofB1
combustible
De prijs van brandstof is weer gestegen.
de brandstofprijsB2
precio del combustible
De brandstofprijzen schommelen sterk.
de brandweerA2
bomberos
De brandweer was binnen vijf minuten bij het huis.
de brandwondB2
quemadura
Koel een brandwond meteen met lauw water.
breedA1
ancho
Dit is een brede straat.
de breedtesportB2
deporte de base
Er gaat te weinig geld naar de breedtesport.
breekbaarB2
frágil
Let op: breekbaar.
brekenA2irregular
brak · braken · hebben/zijn gebroken
romper
Ze is gevallen en heeft haar arm gebroken.
brengenA1irregular
bracht · brachten · hebben gebracht
llevar, traer
Ik breng de kinderen naar school.
de breukB2
fractura
De foto liet een breuk in de pols zien.
de briefA1
carta
Ik heb een brief van de gemeente gekregen.
het briefhoofdB2
membrete
In het briefhoofd staan naam en adres.
de briefkaartB1
postal
Ik stuurde een briefkaart uit Spanje.
de briefwisselingB1
correspondencia
De briefwisseling met de gemeente duurde maanden.
de brievenbusA1
buzón
Er zit post in de brievenbus.
de brilA1
gafas
Zonder bril zie ik niets.
briljantB2
brillante (genial)
Dat was een briljant idee van jou!
het broedseizoenB2
época de cría
In het broedseizoen mag hier niet gesnoeid worden.

