Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

6551 palabras · página 33 de 263

  • de binnenstadA2

    casco urbano, centro

    In de binnenstad mag je niet met de auto rijden.

  • de binnentuinB2

    patio ajardinado

    De binnentuin is van alle bewoners samen.

  • de bio-industrieB2

    ganadería industrial

    De bio-industrie ligt vaak onder vuur.

  • de biobrandstofB2

    biocombustible

    Biobrandstof is niet altijd duurzamer.

  • de biodiversiteitB2

    biodiversidad

    De biodiversiteit gaat wereldwijd achteruit.

  • de biografieB2

    biografía

    De biografie beslaat zeshonderd pagina's.

  • de biologieB2

    biología

    Bij biologie leerden we hoe cellen werken.

  • biologischA2

    biológico, orgánico

    Deze groente is biologisch geteeld.

  • de biopsieB2

    biopsia

    De uitslag van de biopsie duurt een week.

  • de bioscoopB1

    cine

    We gaan vanavond naar de bioscoop.

  • de biotoopB2

    biotopo

    De sloot vormt een eigen biotoop.

  • bitterA2

    amargo

    Zwarte koffie smaakt bitter.

  • bizarB2

    extraño, insólito

    Wat een bizar verhaal, is dat echt gebeurd?

  • de blaasB2

    vejiga

    Bij een ontsteking van de blaas moet je veel water drinken.

  • het bladA2

    hoja

    Op elk blad van de boom zat een druppel regen.

  • bladerenB1

    bladerde · hebben gebladerd

    hojear

    In de wachtkamer bladerde ik door een tijdschrift.

  • het bladgroenB2

    clorofila

    Bladgroen geeft planten hun kleur.

  • de bladzijdeB2

    página

    Het citaat staat op bladzijde twaalf.

  • blauwA1

    azul

    De lucht is vandaag blauw.

  • blazenA2irregular

    blies · bliezen · hebben geblazen

    soplar

    De wind blaast hard over het strand.

  • de blessureA2

    lesión (deportiva)

    Door een blessure kan hij niet sporten.

  • blijA1

    contento

    Ik ben blij met het resultaat.

  • blijkbaarB2

    por lo visto

    Blijkbaar was de brief nooit aangekomen.

  • blijkenB1irregular

    bleek · bleken · zijn gebleken

    resultar

    Het bleek dat niemand de sleutel had.

  • blijmoedigB2

    animoso

    Zij bleef blijmoedig onder alle tegenslag.