Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

7085 palabras · página 226 de 284

  • tijdelijkA2

    temporal

    Ik heb een tijdelijk contract voor zes maanden.

  • tijdensA1

    durante

    Tijdens de les mag je niet bellen.

  • tijdigB1

    puntual, a tiempo

    Zorg voor een tijdige betaling van uw rekening.

  • de tijdlijnB2

    cronología

    Op mijn tijdlijn staat vooral nieuws.

  • het tijdperkB1

    era, época

    We leven in het tijdperk van het internet.

  • het tijdschriftA2

    revista

    Het artikel stond in een wetenschappelijk tijdschrift.

  • het tijdstipA2

    momento (hora)

    Wat is een handig tijdstip voor jou?

  • tikkenB2

    tikte · hebben getikt

    golpear suavemente; teclear

    Hij tikte zachtjes op de deur.

  • tillenA2

    tilde · hebben getild

    levantar (peso)

    Deze doos is te zwaar om alleen te tillen.

  • timmerenB1

    timmerde · hebben getimmerd

    trabajar la madera, clavar

    Mijn opa timmert een vogelhuisje voor in de tuin.

  • de timmermanB2

    carpintero

    De timmerman maakte de kozijnen op maat.

  • de tipA2

    consejo, truco

    Heb jij een goede tip voor een goedkoop restaurant?

  • tippenB2

    tipte · hebben getipt

    avisar, dar el soplo

    Een buurman tipte de politie over de inbraak.

  • de titelB1

    título

    Wat is de titel van het boek dat je leest?

  • tochA1

    aun así

    Het was koud, maar we gingen toch.

  • de tochtB1

    excursión, recorrido; corriente

    We maakten een lange tocht met de fiets langs de kust.

  • de tochtstripB2

    burlete

    Plak een tochtstrip langs de deur.

  • toeA2

    cerrado (coloquial)

    Doe de deur even toe, het tocht hier.

  • de toegangB1

    acceso, entrada

    Iedereen heeft recht op toegang tot onderwijs.

  • de toegangsprijsB1

    precio de entrada

    De toegangsprijs is vijftien euro.

  • toegankelijkB2

    accesible

    Het gebouw is toegankelijk voor mensen in een rolstoel.

  • de toegankelijkheidB2

    accesibilidad

    De toegankelijkheid van het gebouw is verbeterd.

  • toegevenB1separableirregular

    gaf toe · gaven toe · hebben toegegeven

    admitir

    Ze gaf toe dat ze fout zat.


    ceder

    Uiteindelijk gaf hij toe aan de druk van zijn collega's.

  • toekennenB2separable

    kende toe · hebben toegekend

    conceder (una ayuda)

    De gemeente heeft mij een uitkering toegekend.

  • toekomenB1separableirregular

    kwam toe · kwamen toe · zijn toegekomen

    llegar a hacer; corresponder

    Ik ben er nog niet aan toegekomen om je te bellen.