Vocabulario
Filtros1
104 palabras · página 2 de 5
bijkomenB1separableirregular
kwam bij · kwamen bij · zijn bijgekomen
reponerse
Ik ben nog aan het bijkomen van de reis.
deelnemenB1separableirregular
nam deel · namen deel · hebben deelgenomen
participar
Iedereen kan aan de cursus deelnemen.
doorgaanB1separableirregular
ging door · gingen door · zijn doorgegaan
celebrarse; continuar
Door de regen kan de markt vandaag niet doorgaan.
doorgevenB1separableirregular
gaf door · gaven door · hebben doorgegeven
transmitir
Kun je dat aan je collega doorgeven?
comunicar, notificar (datos)
Geef een adreswijziging door aan de gemeente.
doorverbindenB1separableirregular
verbond door · verbonden door · hebben doorverbonden
pasar la llamada
Ik verbind u door met de juiste afdeling.
doorverwijzenB1separableirregular
verwees door · verwezen door · hebben doorverwezen
derivar
De huisarts verwees mij door naar het ziekenhuis.
eruitzienA2separableirregular
zag eruit · zagen eruit · hebben eruitgezien
parecer, tener aspecto
Weet jij hoe de nieuwe buurman eruitziet?
hardlopenB1separableirregular
liep hard · liepen hard · hebben hardgelopen
correr (deporte), hacer footing
's Ochtends ga ik hardlopen in het park.
inhalenB1separable
haalde in · hebben ingehaald
adelantar
Hier mag je niet inhalen.
recuperar (lo perdido)
Ze moet de gemiste lessen nog inhalen.
inleverenA2separable
leverde in · hebben ingeleverd
entregar (un trabajo)
Je moet je huiswerk voor vrijdag inleveren.
inloggenA2separable
logde in · hebben ingelogd
iniciar sesión
Log in met je e-mailadres.
inpakkenA2separable
pakte in · hebben ingepakt
empacar; envolver
Morgen gaan we op vakantie, dus ik moet nog inpakken.
inrichtenA2separable
richtte in · hebben ingericht
amueblar
We moeten de woonkamer nog inrichten.
zich inschrijvenB1separablereflexivoirregular
schreef in · schreven in · hebben ingeschreven
inscribirse
Je kunt je online inschrijven voor de cursus.
instappenA2separable
stapte in · zijn ingestapt
subir (a un vehículo)
U kunt achterin instappen.
instemmenB1separable
stemde in · hebben ingestemd
estar de acuerdo
De meerderheid stemde met het voorstel in.
invullenA2separable
vulde in · hebben ingevuld
rellenar
Vul het formulier volledig in.
inwerkenB1separable
werkte in · hebben ingewerkt
formar (a un nuevo empleado)
Een collega werkt je de eerste week in.
inzamelenB1separable
zamelde in · hebben ingezameld
recoger, recaudar
De gemeente komt op dinsdag het oud papier inzamelen.
zich inzettenB1separablereflexivo
zette in · hebben ingezet
esforzarse por, comprometerse con
Zij zet zich in voor de buurt.
klaarmakenA2separable
maakte klaar · hebben klaargemaakt
preparar, dejar listo
Ik maak het eten klaar.
langskomenA2separableirregular
kwam langs · kwamen langs · zijn langsgekomen
pasarse por
Kom je vanavond even langs?
meedelenB1separable
deelde mee · hebben meegedeeld
comunicar
Wij delen u mee dat de afspraak verzet is.
meedoenA2separableirregular
deed mee · deden mee · hebben meegedaan
participar
Doe je mee met de cursus?
meegaanA2separableirregular
ging mee · gingen mee · zijn meegegaan
ir con, acompañar
Mag ik met jullie meegaan naar het strand?
durar (cosas)
Deze schoenen gaan al vijf jaar mee.

