Vocabulario
6551 palabras · página 180 de 263
de rookmelderB2
detector de humo
Een rookmelder is sinds 2022 verplicht.
de roomA1
nata
Wil je room bij de koffie?
de roosA2
rosa (flor)
Hij gaf haar een rode roos voor haar verjaardag.
het roosterA2
horario
Het rooster voor volgende week hangt er.
roosterenB2
roosterde · hebben geroosterd
tostar
Rooster de noten even in de pan.
rotB1
podrido; fatal
Gooi die rotte appels maar weg.
de rotondeA2
rotonda
Neem op de rotonde de tweede afslag.
de rotzooiB1
lío, porquería
Ruim eerst die rotzooi in je kamer op.
de routeB1
ruta
Dit is de snelste route.
rouwenB2
rouwde · hebben gerouwd
guardar luto, llorar
De familie rouwt om de dood van opa.
de rouwkaartB2
esquela
De rouwkaart werd naar alle familieleden gestuurd.
het rouwprocesB2
proceso de duelo
Elk rouwproces verloopt anders.
rozeA1
rosa
Zij draagt een roze jurk.
de rubriekB2
sección
Dit valt onder de rubriek 'economie'.
de rugA1
espalda
Ik heb last van mijn rug.
de rugzakA1
mochila
Mijn boeken zitten in mijn rugzak.
ruikenA2irregular
rook · roken · hebben geroken
oler
Het ruikt hier lekker.
ruilenA2
ruilde · hebben geruild
intercambiar, cambiar
Kan ik deze jas ruilen?
ruimB1
amplio, espacioso
Het appartement is ruim en heeft een groot balkon.
más de, algo más de
De reis duurt ruim drie uur met de trein.
de ruimteA2
espacio
Er is te weinig ruimte in de kast voor al mijn kleren.
de ruimtevaartB2
astronáutica
De ruimtevaart levert ook alledaagse technologie op.
de rustA2
reposo
De dokter zei dat ik rust nodig heb.
de rusteloosheidB2
desasosiego
Na de operatie voelde hij een vreemde rusteloosheid.
rustigA2
tranquilo
Het is hier lekker rustig.
ruwB2
áspero
Het oppervlak voelt ruw aan.
brusco, rudo (de una persona)
Hij reageerde nogal ruw op haar vraag.

