Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

6551 palabras · página 17 de 263

  • de babyA1

    bebé

    De baby slaapt nu.

  • de babyborrelB2

    fiesta por el nacimiento

    Op de babyborrel waren veertig mensen.

  • de bachelorB2

    grado

    Na je bachelor kun je doorstuderen.

  • de bacterieB2

    bacteria

    Niet elke bacterie is schadelijk.

  • de badkamerA1

    cuarto de baño

    De badkamer is boven.

  • de badkuipA2

    bañera

    In deze badkamer staat geen badkuip.

  • de bagageA2

    equipaje

    Laat je bagage niet alleen achter.

  • bakkenA2irregular

    bakte · bakten · hebben gebakken

    freír, hornear

    Ik bak een ei voor het ontbijt.

  • de bakkerA2

    panadería

    Ik haal brood bij de bakker.

  • de balA1

    pelota

    De kinderen spelen met een bal in de tuin.

  • de balansB2

    equilibrio

    Zoek een goede balans tussen werk en rust.

  • de balieA2

    mostrador (de recepción)

    U kunt uw pakket ophalen bij de balie.

  • de baliemedewerkerB2

    empleado de mostrador

    De baliemedewerker hielp mij snel.

  • het balkonA2

    balcón

    Op het balkon staan planten.

  • de ballonA2

    globo

    Voor het feest blazen we wel honderd ballonnen op.

  • de banaanA1

    plátano

    Wil je een banaan?

  • de bandA2

    neumático

    Mijn band is lek.

  • het banenverliesB2

    pérdida de empleos

    Automatisering kan leiden tot banenverlies.

  • bangA2

    asustado

    Ik ben bang voor honden.

  • de bankA2

    banco

    Ik heb een rekening bij deze bank.


    sofá; banco (asiento)

    We zitten 's avonds samen op de bank te lezen.

  • het bankafschriftB1

    extracto bancario

    Op het bankafschrift zie je alle betalingen.

  • de bankkostenB1

    comisiones bancarias

    De bankkosten zijn dit jaar verhoogd.

  • de bankrekeningA2

    cuenta bancaria

    Je hebt een bankrekening nodig voor je salaris.

  • bannenB2irregular

    bande · banden · hebben gebannen

    prohibir, desterrar

    De school wil telefoons uit de klas bannen.

  • de barA2

    bar, barra

    We drinken na het werk iets aan de bar.