Vocabulario
4334 palabras · página 169 de 174
de woonlastenB1
gastos de vivienda
De woonlasten zijn dit jaar flink gestegen.
de woonplaatsA2
localidad de residencia
Vul je naam, adres en woonplaats in.
de woonruimteA2
espacio habitable
Woonruimte is in deze stad schaars.
het woordA1
palabra
Ik ken dit woord nog niet.
het woordenboekA2
diccionario
Zoek het woord op in het woordenboek.
de woordkeuzeB1
elección de palabras
Let op je woordkeuze in een formele brief.
wordenA1irregular
werd · werden · zijn geworden
llegar a ser
Hij wil dokter worden.
(auxiliar de la voz pasiva: ser)
De brief wordt morgen verstuurd.
de worstA1
salchicha
Bij de slager kocht ik worst.
de wortelA1
zanahoria
Doe de wortels in de soep.
raíz
De wortel van deze boom komt door het tegelpad heen.
de wraakB1
venganza
Hij wilde wraak nemen op zijn oude baas.
de yoghurtA1
yogur
Ik eet yoghurt bij het ontbijt.
zaaienB1
zaaide · hebben gezaaid
sembrar
In maart kun je al zaaien.
de zaakA2
negocio; asunto
Mijn oom heeft een eigen zaak in het centrum.
de zaalA2
sala
De zaal zat vol voor het concert.
zachtA1
blando, suave
Dit kussen is lekker zacht.
bajo, suave (de sonido)
Praat wat zachter, de kinderen slapen al.
zagenB1
zaagde · hebben gezaagd
serrar
Mijn vader zaagt een plank in twee stukken.
de zakA1
bolsillo; bolsa
Mijn sleutels zitten in mijn zak.
zakelijkB1
comercial, formal
Ik schrijf een zakelijke brief aan de gemeente.
zakkenB1
zakte · zijn gezakt
suspender
Hij is helaas gezakt voor het examen.
de zakken
bolsas, sacos (plural de zak)
Hij zet de zakken met oud papier bij de container.
de zalfA2
pomada
Smeer deze zalf twee keer per dag op de wond.
het zandA2
arena
De kinderen spelen met emmers in het zand.
de zangerA2
cantante
De zanger kwam op het podium en iedereen juichte.
de zaterdagA1
sábado
Op zaterdag doe ik boodschappen.
het zebrapadA2
paso de cebra
Steek over bij het zebrapad.
de zeeA1
mar
De zee is vandaag onrustig.

