Vocabulario
7085 palabras · página 153 de 284
de obligatieB2
bono
Obligaties gelden als minder risicovol.
de oceaanA2
océano
De oceaan neemt veel warmte op.
de ochtendA1
mañana (parte del día)
In de ochtend drink ik koffie.
het octrooiB2
patente
Het bedrijf vroeg octrooi aan op de techniek.
oefenenB1
oefende · hebben geoefend
practicar
Je moet elke dag oefenen.
het oefenexamenB1
examen de práctica
Maak eerst een oefenexamen.
de oefeningA2
ejercicio
Maak oefening drie op bladzijde tien.
het oefenmateriaalB1
material de práctica
Er is genoeg oefenmateriaal online beschikbaar.
de oefentoetsA2
prueba de práctica
Maak eerst een oefentoets.
de oeverB2
orilla
Langs de oever staan wilgen.
ofA1
o
Wil je thee of koffie?
officieelB1
oficial
Voor de aanvraag heb je een officieel document nodig.
de officierB1
oficial; fiscal (officier van justitie)
De officier van justitie eist een hoge straf.
ofschoonB2
aunque (formal)
Ofschoon hij twijfelde, stemde hij toe.
oftewelB1
es decir
Het gaat om de cesuur, oftewel de zak-slaaggrens.
ofwelB1
o bien ... o bien
Je kunt ofwel bellen, ofwel een mail sturen.
ogenschijnlijkB2
en apariencia
Het probleem is ogenschijnlijk klein.
okéA1
vale, de acuerdo
Oké, dan zie ik je morgen om negen uur.
oktoberA1
octubre
In oktober vallen de bladeren.
de olieA2
aceite
Bak het in een beetje olie.
de olifantA2
elefante
De olifant drinkt water met zijn slurf.
de olijfA1
aceituna
Wil je olijven bij de borrel?
omA1
a (la hora); alrededor de
De les begint elke dag om half negen.
para (om … te)
Ik ga naar de bibliotheek om te studeren.
de omaA1
abuela
Mijn oma woont in een klein dorp.
de ombudsmanB2
defensor del pueblo
De ombudsman onderzocht de klacht.

