Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

3699 palabras · página 127 de 148

  • verkopenA1irregular

    verkocht · verkochten · hebben verkocht

    vender

    Ze verkopen hier verse groente.

  • de verkoperA2

    vendedor

    De verkoper hielp me met de maat.

  • verkoudenA2

    estar resfriado

    Ik ben een beetje verkouden.

  • de verkoudheidA2

    resfriado

    Een verkoudheid duurt meestal een week.

  • verkrijgbaarB1

    disponible (a la venta)

    Dit medicijn is zonder recept verkrijgbaar.

  • verkrijgenB1irregular

    verkreeg · verkregen · hebben verkregen

    obtener, conseguir

    Informatie is te verkrijgen bij de balie.

  • verlagenB1

    verlaagde · hebben verlaagd

    bajar, reducir

    De regering wil de belasting op arbeid verlagen.

  • verlatenB1irregular

    verliet · verlieten · hebben verlaten

    abandonar, salir de

    Wij verlaten het gebouw via de nooduitgang.

  • het verledenB1

    pasado

    In het verleden woonden hier vooral boeren.

  • verlegenA2

    tímido

    Hij is nogal verlegen bij nieuwe mensen.

  • verlenenB1

    verleende · hebben verleend

    conceder, otorgar

    De gemeente verleent een vergunning voor het terras.

  • verlengenB1

    verlengde · hebben verlengd

    prolongar, renovar

    Je moet je paspoort op tijd laten verlengen.

  • de verlichtingB1

    iluminación; alivio

    De verlichting in de straat is 's nachts te zwak.

  • het verliesB1

    pérdida

    Het bedrijf maakte vorig jaar verlies.

  • verliezenA2irregular

    verloor · verloren · hebben/zijn verloren

    perder

    Ons team heeft de wedstrijd met twee tegen één verloren.

  • de verlofdagB1

    día libre

    Ik neem morgen een verlofdag op.

  • verloofdA1

    prometido

    Ze zijn sinds vorige maand verloofd.

  • verlopenB1irregular

    verliep · verliepen · zijn verlopen

    caducar, vencer; transcurrir

    Mijn verblijfsvergunning is vorige maand verlopen.

  • vermakenB1

    vermaakte · hebben vermaakt

    entretener, divertir

    De kinderen vermaakten zich prima in de speeltuin.

  • vermeldenB1

    vermeldde · hebben vermeld

    indicar, mencionar

    Vermeld uw klantnummer bij elke betaling.

  • vermijdenA2irregular

    vermeed · vermeden · hebben vermeden

    evitar

    Probeer de spits te vermijden.

  • verminderenB1

    verminderde · hebben/zijn verminderd

    reducir

    Regelmatig sporten kan stress en spanning flink verminderen.

  • vermistB1

    desaparecido

    Sinds gisteren is een jongen van tien jaar vermist.

  • vermoedenB1

    vermoedde · hebben vermoed

    sospechar, suponer

    Ik vermoed dat hij de afspraak vergeten is.

  • vernietigenB1

    vernietigde · hebben vernietigd

    destruir

    De storm heeft veel huizen aan de kust vernietigd.