Vocabulario
158 palabras · página 7 de 7
tweeA1
dos
Ik heb twee kinderen.
tweedeA1
segundo
Neem de tweede straat rechts.
tweedehandsA2
de segunda mano
Ik heb mijn fiets tweedehands gekocht.
de tweelingA1
gemelos
Zij heeft een tweeling gekregen.
twijfelenA2
twijfelde · hebben getwijfeld
dudar
Ik twijfel nog over die opleiding.
twintigA1
veinte
Het kost twintig euro.
het typeB1
tipo
Welk type telefoon heb jij op dit moment?
typischA2
típico
Dat is typisch Nederlands.

