Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

66 palabras · página 3 de 3

  • niksA2

    nada (coloquial)

    Ik heb vandaag nog niks gegeten.

  • het niveauA2

    nivel

    Op welk niveau zit je nu?

  • nodigA1

    necesario

    Ik heb je hulp nodig.

  • noemenA2

    noemde · hebben genoemd

    llamar, nombrar

    Hoe noem je dit ding in het Nederlands?

  • nogA1

    todavía

    Ik ben nog niet klaar.

  • nogalB1

    bastante (coloquial)

    Het was nogal druk in de stad vandaag.

  • nogmaalsA1

    una vez más

    Nogmaals bedankt voor je hulp.

  • nooitA1

    nunca

    Ik drink nooit alcohol.

  • het noordenA2

    norte

    Groningen ligt in het noorden van Nederland.

  • de nootA1

    nuez

    Ik ben allergisch voor noten.


    nota (musical)

    Bij deze noot moet je het pedaal indrukken.

  • normaalA2

    normal

    Dat is hier heel normaal.

  • de notitieB1

    apunte, nota

    Ik maakte een notitie tijdens het gesprek.

  • nouA2

    bueno, pues

    Nou, dan zie ik je morgen wel.

  • novemberA1

    noviembre

    November is een donkere maand.

  • nuA1

    ahora

    Ik heb nu geen tijd.

  • het nummerA1

    número

    Wat is het nummer van je huis?