Vocabulario
5 palabras · página 1 de 1
maarA1
pero
Ik wil komen, maar ik heb geen tijd.
meerA1
más
Ik heb meer tijd nodig.
het meer
lago
In de zomer zwemmen we in het meer.
meesteA1
la mayoría
De meeste mensen komen met de fiets.
metA1
con
Ik ga met de fiets.
miljoenA2
millón
Nederland heeft bijna achttien miljoen inwoners.

