Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

45 palabras · página 2 de 2

  • hoelangA1

    cuánto tiempo

    Hoelang woon je al in Nederland?

  • hoeveelA1

    cuánto

    Hoeveel kost dit?

  • hoiA1

    hola

    Hoi, hoe is het?

  • de hondA1

    perro

    De hond moet hier aangelijnd zijn.

  • honderdA1

    cien

    Dat kost ongeveer honderd euro.

  • de hongerA1

    hambre

    Ik heb honger.

  • de honingA1

    miel

    Doe wat honing in je thee.

  • het hoofdA1

    cabeza

    Mijn hoofd doet pijn.


    jefe, responsable

    Het hoofd van de afdeling neemt het besluit.

  • hoogA1

    alto

    Dat gebouw is heel hoog.

  • hopenA1

    hoopte · hebben gehoopt

    esperar (desear)

    Ik hoop dat het lukt.

  • horenA1

    hoorde · hebben gehoord

    oír

    Ik hoor je niet goed.


    pertenecer a, formar parte de

    Deze oefening hoort bij hoofdstuk drie.

  • het horlogeA1

    reloj de pulsera

    Mijn horloge loopt achter.

  • het hotelA1

    hotel

    We slapen twee nachten in een hotel in Brugge.

  • houdenA1irregular

    hield · hielden · hebben gehouden

    sostener; gustar (van)

    Ik houd van koffie.

  • de huidA1

    piel

    Bescherm je huid tegen de zon.

  • huilenA1

    huilde · hebben gehuild

    llorar

    De baby huilt de hele nacht.

  • het huisA1

    casa

    Ik woon in een klein huis.

  • de huisgenootA1

    compañero de piso

    Mijn huisgenoot kookt vanavond.

  • de hulpA1

    ayuda

    Bedankt voor je hulp.

  • het huwelijkA1

    matrimonio, boda

    Hun huwelijk was in juni.